Boek 5 – “De Gelukkige Huisvrouw”

De Gelukkige Huisvrouw van Heleen van Royen leest snel en makkelijk weg. Ik heb er niet meer dan twee dagen tijd aan hoeven besteden. Het verhaal klonk interessant maar de uitwerking viel me tegen. Ook vond ik de schrijfstijl niet prettig. Daarom krijgt dit boek van mij niet meer dan 3 van de 5 sterren op Goodreads.

In dit boek worden zeer serieuze onderwerpen aangesneden: postnatale depressie en het rouwproces dat de hoofdpersoon doorloopt naar aanleiding van haar vaders zelfmoord. Dit debuut van Heleen van Royen is grotendeels autobiografisch. Ik heb Heleen weleens op televisie voorbij zien komen en een interview horen geven, dus ik had al verwacht dat het boek op zijn zachtst gezegd “bijzonder” zou zijn. En dat was het ook, maar helaas niet direct op een positieve manier.

Lea, de hoofdpersoon, is een oppervlakkig huppelkutje dat alleen maar lijkt te geven om seks en kleding. Haar man wil graag een kindje, dus ze besluiten om te proberen om zwanger te worden, ook al lijkt Lea al vanaf het begin af aan niet enthousiast. De reden hiervoor is dat de aandacht van haar man dan niet meer alleen voor haar zal zijn (lees: minder seks) en dat haar lichaam er minder aantrekkelijk door zal worden (lees: minder seks). Maar goed, ze wordt dus wel zwanger en krijgt een helse bevalling met tangverlossing. Voor de niet-ingewijden: een tangverlossing doet schijnbaar ontzettend veel pijn bij zowel moeder als kind.

Direct na de bevalling raakt Lea helemaal de weg kwijt. Als ze een aantal dagen later alleen thuis is met het kind stopt ze hem in een doos op zolder omdat ze denkt dat ze de nieuwe Jezus is en deze opdracht doorkreeg van ‘boven’. Het is heel apart om deze stukken te lezen, omdat het boek is geschreven in de eerste persoon en je als lezer dus de gedachten van de hoofdpersoon precies te zien krijgt. Aangezien ik vantevoren wist dat dit boek (deels) autobiografisch is dacht ik steeds: “Zou Heleen zulke dingen zelf ook écht gedacht hebben?”. Best apart om zo in de hersenen van iemand te duiken die het allemaal even niet meer weet.

Daarna volgt nog een ontzettend lang stuk vol inkoppertjes: Lea’s vader heeft zelfmoord gepleegd en zij heeft dat nooit echt verwerkt. Eindeloze gesprekken met de psychiater krijg je als lezer voorgeschoteld, terwijl we allemaal al weten wat er gezegd gaat worden. Die stukjes zijn cliché en nemen veel te veel ruimte in in het boek. Ook zijn ze extra storend omdat door de serieuze gesprekken heen Lea steeds fantaseert over hoe het zou zijn om seks te hebben met haar psychiater.

Ik heb naar mijn idee een boek gelezen dat vol scheldwoorden stond, met een knettergekke hoofdpersoon die egoïstisch was en constant aan seks dacht en om het af te maken werd ik doodgebombardeerd met clichés over een rouwproces. Op Goodreads staan echter reacties van mensen die het een prachtig, diep en zinvol boek vonden (zoals deze. Hij is wel saai trouwens. En lang ook), dus misschien heb ik hier en daar iets gemist ofzo. Al met al: het verhaal had potentie, het is extra apart omdat de schrijfster dit deels zelf heeft meegemaakt, maar ik vond de tekst over het alegmeen storend en er was totaal geen spanningsboog.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *