De stenen dagboeken – Carol Shields

Cover van het boek De stenen dagboeken

Een tijdje geleden heb ik De stenen dagboeken van Carol Shields gelezen. Het is geen recent verschenen boek, maar werd al in 1993 voor het eerst gepubliceerd. In 1994 verscheen de eerste Nederlandse vertaling en een jaar later, dus in 1995, won Shields met deze roman de Amerikaanse Pulitzerprijs. Ondanks deze erkenning (de Pulitzerprijs is immers een van de meest bekende prijzen op het gebied van literatuur) had ik nog niet eerder van De stenen dagboeken of van Carol Shields zelf gehoord. Gelukkig kwam daar verandering in toen ik bij mijn plaatselijke boekhandel een tijdje geleden de collectie boeken van uitgeverij Colibri tegenkwam. Deze boeken zijn van een een vrij klein formaat: wel groter dan een dwarsligger en met steviger papier, maar lang niet zo groot als een normale paperpack. De prijs was ook vrij gunstig dus ik heb een paar van de “mini-boekjes” die me destijds aanspraken meegenomen.

De stenen dagboeken laat zich niet gemakkelijk samenvatten of uitleggen. In dit boek vertelt Shields over het (fictieve) leven van een ogenschijnlijk doodgewone vrouw. Het leven van Madelief Goedewil wordt in tien gedeeltes uiteengezet, beginnend bij “1. Geboorte, 1905” en eindigend met “10. Dood”.

Een pagina met foto's in het boek De stenen dagboeken

Hoewel het verhaal draait om het leven van Madelief, komt niet enkel zij aan het woord. Shields speelt veel met perspectief en kijkt vaak door de ogen van verschillende personages naar gebeurtenissen. Ook worden stukken waarin een verteller aan het woord is afgewisseld met fragmenten die bestaan uit briefwisselingen of krantenknipsels. Er is in het midden van het boek zelfs een verzameling foto’s opgenomen, voorzien van namen van personages die in het boek voorkomen. Het feit dat Shields speelt met het perspectief zorgt ervoor dat je je als lezer van bewust bent dat je nooit alles te weten komt omdat er altijd delen missen, en dat de informatie die je wél hebt gekleurd is door het perspectief. Zo is de eerste zin van het boek “De naam van mijn moeder was Godelief Goedewil-Steen” (p. 13). Dit duidt er natuurlijk op dat we het verhaal door de ogen van Madelief zelf verteld krijgen. In een latere passage echter, op pagina 212, staat het volgende: “Misschien is dit wel het juiste moment om te vertellen dat Madelief Goedewil moeite heeft met de feiten, met de waarheid, wel te verstaan. […] Daarom moet u Madeliefs voorstelling van zaken met een korreltje zout nemen, of beter gezegd, met een flinke handvol zout”. Omdat dit stukje ver na het het begin van het boek staat zorgt het ervoor dat je alles wat je tot dan toe hebt gelezen in een ander licht gaat zien: wat is er waar van wat Madelief tot dan toe heeft verteld? En wat weten we als lezer nog niet?

Maar minstens even interessant als het perspectief is het verhaal zelf. Madelief is namelijk geen vrouw die ontzettend bijzondere dingen heeft gedaan. Ze heeft een heel gewoon leven geleid en hoewel ze natuurlijk wel van alles meemaakt, gebeuren er geen écht onverwachte dingen. Ze wordt geboren, trouwt, krijgt kinderen, schrijft stukjes over planten voor een tijdschrift, takelt af, en sterft. Ze maakt dingen mee die haar levensverhaal uniek maken en toch is niets van dit alles wereldschokkend. En toch ben je als lezer van begin tot eind geboeid: Shields’ gedetailleerde, warme stijl zorgt ervoor dat de personages echt lijken te hebben bestaan. Na het beschrijven van een recept dat Godelief (Madeliefs moeder) wil gaan maken komt het volgende “Ze had natuurlijk van alles de helft genomen, want ze waren maar met z’n tweeën, de aalbessen waren schaars en Kuijler (mijn vader) was geen grote eter. Een man van muizebeetjes, noemt ze hem, die zijn eten kan laten voor wat het is.” (p. 13). Beschrijvingen als deze zorgen ervoor dat je het gevoel hebt de personages daadwerkelijk te kennen en dat je als lezer een blik werpt op hun leven zoals dat echt is, zonder opsmuk, maar wel rijk.

De stenen dagboeken is bijna 500 pagina’s dik en ik geef meestal de voorkeur aan dunnere boeken, zo rond de 250 pagina’s. Als je mijn blog al een langere tijd volgt weet je waarschijnlijk al dat ik om die reden fan ben van bijvoorbeeld de werken van Willem Elsschot, die een stijl heeft die veel meer to the point is en toch interessante personages weet neer te zetten. Maar Shields weet echt een sfeer op te roepen die er voor zorgde dat ik helemaal niet wilde dat het boek zou aflopen en dat overkomt me niet vaak. Ik beschouw De stenen dagboeken vanaf nu als een van mijn favoriete boeken en zou het aan iedereen die ervan houdt om helemaal op te gaan in een verhaal aanraden.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *