De stenen dagboeken – Carol Shields

Cover van het boek De stenen dagboeken

Een tijdje geleden heb ik De stenen dagboeken van Carol Shields gelezen. Het is geen recent verschenen boek, maar werd al in 1993 voor het eerst gepubliceerd. In 1994 verscheen de eerste Nederlandse vertaling en een jaar later, dus in 1995, won Shields met deze roman de Amerikaanse Pulitzerprijs. Ondanks deze erkenning (de Pulitzerprijs is immers een van de meest bekende prijzen op het gebied van literatuur) had ik nog niet eerder van De stenen dagboeken of van Carol Shields zelf gehoord. Gelukkig kwam daar verandering in toen ik bij mijn plaatselijke boekhandel een tijdje geleden de collectie boeken van uitgeverij Colibri tegenkwam. Deze boeken zijn van een een vrij klein formaat: wel groter dan een dwarsligger en met steviger papier, maar lang niet zo groot als een normale paperpack. De prijs was ook vrij gunstig dus ik heb een paar van de “mini-boekjes” die me destijds aanspraken meegenomen.

De stenen dagboeken laat zich niet gemakkelijk samenvatten of uitleggen. In dit boek vertelt Shields over het (fictieve) leven van een ogenschijnlijk doodgewone vrouw. Het leven van Madelief Goedewil wordt in tien gedeeltes uiteengezet, beginnend bij “1. Geboorte, 1905” en eindigend met “10. Dood”.

Een pagina met foto's in het boek De stenen dagboeken

Hoewel het verhaal draait om het leven van Madelief, komt niet enkel zij aan het woord. Shields speelt veel met perspectief en kijkt vaak door de ogen van verschillende personages naar gebeurtenissen. Ook worden stukken waarin een verteller aan het woord is afgewisseld met fragmenten die bestaan uit briefwisselingen of krantenknipsels. Er is in het midden van het boek zelfs een verzameling foto’s opgenomen, voorzien van namen van personages die in het boek voorkomen. Het feit dat Shields speelt met het perspectief zorgt ervoor dat je je als lezer van bewust bent dat je nooit alles te weten komt omdat er altijd delen missen, en dat de informatie die je wél hebt gekleurd is door het perspectief. Zo is de eerste zin van het boek “De naam van mijn moeder was Godelief Goedewil-Steen” (p. 13). Dit duidt er natuurlijk op dat we het verhaal door de ogen van Madelief zelf verteld krijgen. In een latere passage echter, op pagina 212, staat het volgende: “Misschien is dit wel het juiste moment om te vertellen dat Madelief Goedewil moeite heeft met de feiten, met de waarheid, wel te verstaan. […] Daarom moet u Madeliefs voorstelling van zaken met een korreltje zout nemen, of beter gezegd, met een flinke handvol zout”. Omdat dit stukje ver na het het begin van het boek staat zorgt het ervoor dat je alles wat je tot dan toe hebt gelezen in een ander licht gaat zien: wat is er waar van wat Madelief tot dan toe heeft verteld? En wat weten we als lezer nog niet?

Maar minstens even interessant als het perspectief is het verhaal zelf. Madelief is namelijk geen vrouw die ontzettend bijzondere dingen heeft gedaan. Ze heeft een heel gewoon leven geleid en hoewel ze natuurlijk wel van alles meemaakt, gebeuren er geen écht onverwachte dingen. Ze wordt geboren, trouwt, krijgt kinderen, schrijft stukjes over planten voor een tijdschrift, takelt af, en sterft. Ze maakt dingen mee die haar levensverhaal uniek maken en toch is niets van dit alles wereldschokkend. En toch ben je als lezer van begin tot eind geboeid: Shields’ gedetailleerde, warme stijl zorgt ervoor dat de personages echt lijken te hebben bestaan. Na het beschrijven van een recept dat Godelief (Madeliefs moeder) wil gaan maken komt het volgende “Ze had natuurlijk van alles de helft genomen, want ze waren maar met z’n tweeën, de aalbessen waren schaars en Kuijler (mijn vader) was geen grote eter. Een man van muizebeetjes, noemt ze hem, die zijn eten kan laten voor wat het is.” (p. 13). Beschrijvingen als deze zorgen ervoor dat je het gevoel hebt de personages daadwerkelijk te kennen en dat je als lezer een blik werpt op hun leven zoals dat echt is, zonder opsmuk, maar wel rijk.

De stenen dagboeken is bijna 500 pagina’s dik en ik geef meestal de voorkeur aan dunnere boeken, zo rond de 250 pagina’s. Als je mijn blog al een langere tijd volgt weet je waarschijnlijk al dat ik om die reden fan ben van bijvoorbeeld de werken van Willem Elsschot, die een stijl heeft die veel meer to the point is en toch interessante personages weet neer te zetten. Maar Shields weet echt een sfeer op te roepen die er voor zorgde dat ik helemaal niet wilde dat het boek zou aflopen en dat overkomt me niet vaak. Ik beschouw De stenen dagboeken vanaf nu als een van mijn favoriete boeken en zou het aan iedereen die ervan houdt om helemaal op te gaan in een verhaal aanraden.

Belgravia – Julian Fellowes

over van Belgravia - Julian FellowesAl een paar maanden geleden schreef ik een stukje over de app van de bibliotheek waarmee je kunt luisteren naar audioboeken: de Luisterbieb-app (klik hier als je die post nog wilt lezen). Het zal geen verrassing zijn dat ik sinds ik die post schreef de app regelmatig gebruik, vooral tijdens mijn dagelijkse reis van huis naar de universiteit en weer terug. Het laatste boek dat ik via de app heb geluisterd was Belgravia van Julian Fellowes. Die naam komt je vast bekend voor als je de populaire televisieserie Downton Abbey hebt gevolgd, want daarvan was hij de bedenker en schrijver. Hij heeft al voor meerdere televisieseries gewerkt als schrijver en dan met name series die gaan over een eeuw of twee geleden in Engeland. Met Belgravia wijkt hij wat dat betreft niet erg af: het overgrote deel van het boek speelt zich af in het Londen van de eerste helft van de negentiende eeuw.

Belgravia gaat over James en Anne Trenchard, die door middel van handel een rijk en invloedrijk koppel zijn geworden. Hun kinderen, Oliver en Sophia, groeien op in luxe en komen niets tekort. Toch is behalve Anne niemand binnen het gezin tevreden over de positie die ze hebben: de adel wil eigenlijk niets te maken met mensen die fortuin hebben gemaakt door handel in plaats van door te erven en huwelijken tussen verschillende standen worden niet zonder meer geaccepteerd. Julian Fellowes beschrijft niet alleen de levens van de hogere klassen, hoewel dat toch wel het grootste deel van het boek is, maar schrijft ook over de levens van butlers en dienstmeisjes.

Afbeelding van de website van de bilbiotheek over de LuisterbiebLees alles over de Luisterbieb-app op https://www.onlinebibliotheek.nl/luisterbieb.html, waar ook bovenstaand stappenplan te vinden is.

Het is een boek van honderden pagina’s dik, dus het luisterboek duurde bijna 16 uur. Best een grote tijdsinvestering. Gelukkig werd het boek voorgelezen door Sander de Heer, die een mooie stem heeft waar ik echt uren naar kan luisteren. Ik denk dat Fellowes bijna de helft van het boek had kunnen schrappen als hij iets meer had gedaan aan show, don’t tell. Uit de schrijfstijl kun je namelijk wel opmaken dat hij is gewend aan televisieseries, waar je gedachten en gevoelens in het script zet die door personages niet hardop gezegd worden. Daarom werd het boek op verschillende punten naar mijn smaak wel te beschrijvend. Met een luisterboek heb ik daar gelukkig minder moeite mee dan wanneer ik een boek echt lees: meestal luister ik naar een boek als ik eigenlijk ook iets heel anders aan het doen ben, dus dan heb ik niet mijn volledige concentratie over voor het boek. Door de uitgebreide en beschrijvende stijl loop je niet zoveel kans dat je belangrijke informatie mist als je even een seconde niet oplet. En de Luisterbieb maakt het luisteren naar een boek heel makkelijk; hij speelt gewoon op de achtergrond door als je ook andere apps op je telefoon wilt gebruiken (zoals bijvoorbeeld ook Spotify doet) en onthoudt waar je bent gebleven zodat je dat niet zelf hoeft te doen (wat wel had gemoeten als je naar de CD’s in plaats van via de app luistert). En het grootste voordeel is natuurlijk dat de app volledig gratis is voor leden van de bibliotheek!

De afbeelding van de cover van het boek komt van de website van de uitgever, A.W. Bruna (https://www.awbruna.nl/boek/belgravia/).

Vanaf nu wordt alles beter – Maartje Willems

Cover van het boek Vanaf nu wordt alles beter

Op 14 februari dit jaar verscheen het debuut van Maartje Willems: Vanaf nu wordt alles beter. Het is geen zelfhulpboek, ten minste, niet écht. Volgens de achterflap beschijft Maartje in dit boek “de vele momenten in haar leven waarop ze even met haar handen in het haar zit”. Het boek gaat dus niet over grote levensvragen of echt moeilijke kwesties, maar meer over de eerstewereldproblemen waar een dertigjarige blanke vrouw in Nederland tegenaan loopt in het dagelijkse leven.

Vanaf nu wordt alles beter mag dan het eerste boek zijn dat van Maartje Willems wordt gepubliceerd, maar ze schrijft al jaren. Toen ik haar naam zag deed dat bij mij een belletje rinkelen en toen ik op haar website keek snapte ik ook direct waarom: ze schrijft al jaren regelmatig stukjes voor verschillende tijdschriften, dagbladen en websites. De stijl die ze voor dat soort stukjes gebruikt past ze ook toe in dit boek: het zijn allemaal hoofdstukken van maar een paar pagina’s die vooral bestaan uit het delen van een ervaring en de daaruit geleerde les. Eigenlijk is Vanaf nu wordt alles beter dus een soort columnbundeling. Wie mijn blog al een langere tijd volgt weet dat ik gek ben op de columnbundelingen van bijvoorbeeld Hanna Bervoets, dus de stijl an sich sprak mij direct aan.

Wat ik ook heel erg prettig vond aan Vanaf nu wordt alles beter is de vormgeving. Zoals je kunt zien op de foto die ik heb gemaakt is de cover heel prettig om naar te kijken: een leuke, niet te volle / drukke tekening, met rustige kleuren. Deze stijl wordt ook verder doorgetrokken naar de rest van het boek, waar door Lona Aalders gemaakte illustraties het vanbinnen opfleuren. Neem bijvoorbeeld deze leuke illustratie die op pagina 128 te vinden is bij een hoofdstuk over liefdesverdriet:
Pagina 128 - 129 van Vanaf nu wordt alles beter

Ik heb het boek in een paar dagen tijd van begin tot eind kunnen lezen. Dat is mede te danken aan het vrij beperkte aantal pagina’s (een krappe 250 in totaal) maar ook de stijl van Maartje: omdat het verhaal nergens echt diep gaat of moeilijk wordt, leest het ontzettend snel. Toen ik bij het einde was had ik wel even een kort “was dit alles?”-moment. Want hoewel ik het een leuk boek vond en de situaties die Maartje beschrijft vaak heel grappig zijn, miste ik toch af en toe een achterliggende boodschap. Dat doet bijvoorbeeld Hanna Bervoets wél: haar columns lijken in eerste instantie ook vaak over triviale dingen te gaan, maar zij eindigt toch ook meestal wel met een maatschappelijk relevante observatie. En nee, niet alle boeken hoeven diepzinnig of leerzaam te zijn; natuurlijk niet. Daarom is Vanaf nu wordt alles beter zeker een aanrader voor iemand die toe is aan even een boek ‘tussendoor’, gewoon om herkenbare en grappige stukjes te lezen. Maar als je graag wilt dat een boek je af en toe ook echt aan het denken kan zetten is dit misschien niet het boek voor jou.

Ik heb Vanaf nu wordt alles beter opgestuurd gekregen van uitgeverij Boekerij, omdat ik meedoe aan een zogenaamde ‘kettingblog’. Dat houdt in dat meerdere bloggers over hetzelfde boek een recensie schrijven: zo kan een lezer meerdere meningen naast elkaar neerleggen en vergelijken. Daarom wil ik jullie graag linken naar ByDagmarValerie, waar een paar dagen geleden al een recensie over dit boek is geplaatst en naar Dutchreadingsociety, omdat daar over een aantal dagen ook een recensie zal worden geplaatst. En laat me ook vooral via Facebook, Twitter, Goodreads of in de comments weten of je van plan bent om Vanaf nu wordt alles beter te gaan lezen!

De macht – Naomi Alderman

Cover van het boek De macht door Naomi Alderman

Wat zou er met de wereld gebeuren als de rollen eens zouden worden omgedraaid? Wat als vrouwen fysiek een stuk sterker waren dan mannen en na jarenlang te hebben geleden onder scheve machtsverhoudingen plotseling ontdekten dat ze met een simpele beweging ontzettende pijn konden veroorzaken? Wat als vrouwen over de hele wereld plotseling ontdekken dat zij met een enkele beweging mannen kunnen uitschakelen en zich niet langer hoeven te schikken in een minderwaardige rol? Dat is het idee achter De macht, het veelgeprezen boek geschreven door Naomi Alderman. Het heeft lovende recensies ontvangen en won al belangrijke prijzen, zoals bijvoorbeeld de Bailey’s Women’s Prize for Fiction in juni 2017 (overigens is De macht het laatste boek dat die eer heeft mogen ontvangen: omdat Baileys niet langer de Women’s Prize for Fiction zal sponsoren gaat de naam veranderen). De Nederlandse vertaling is kortgeleden uitgegeven door uitgeverij Atlas Contact en ik ontving een exemplaar om te recenseren.

In De Macht krijgen vrouwen van over de hele wereld een soort elektrische kracht. Steeds meer vrouwen ontdekken dat ze deze kracht hebben en ze leren ook hoeveel ze met die kracht kunnen doen. Op de achterflap van het boek staat “Met de minste vingerbeweging kunnen ze folterende pijnen veroorzaken, en zelfs doden”. Je kunt je er vast wel wat bij voorstellen dat als de halve wereldbevolking opeens de kracht heeft om zulke dingen te doen, er hele grote veranderingen aan zitten te komen. Want Aldermans boek mag dan science fiction zijn, de wereld die zij beschrijf is een weergave van de realiteit: mannen zijn in de meeste huidige maatschappijen degenen die de touwtjes in handen hebben. Daarom is het ook zo interessant wat Alderman doet in De macht: als vrouwen nou eens sterker waren dan mannen, ontstaat er dan een betere wereld? Of is er uiteindelijk geen verschil, maar zijn gewoon de groepen omgedraaid?

In het boek worden vrouwen gevolgd met een verschillend perspectief op alles wat er gebeurt. De Amerikaanse vrouw Margot is actief binnen de politiek en ergert zich al jaren aan de mannelijke gouverneur met wie ze moet samenwerken en ze wil graag hogerop de politieke ladder komen. Ook volgen we Allie, een meisje dat als kind van pleeggezin naar pleeggezin moest en nergens goed werd behandeld. Zij hoort een stem die haar aanwijzingen geeft over hoe ze de kracht kan gebruiken om meer te bereiken: ze begint een religieuze beweging die zich snel verspreidt. En dan is er nog Roxy, die opgegroeid is in een gezin vol criminelen. Zij wil zich tegenover haar familie bewijzen en wil de kracht vooral omzetten in economisch gewin, zodat ze haar plek binnen de criminele kringen van haar familie echt heeft verdiend. Ook volgen we in het boek nog Tunde en hij biedt vrijwel het enige mannelijke perspectief. Als journalist wil hij vooral proberen om verslag te doen van zoveel mogelijk veranderingen die over de hele wereld plaatsvinden, terwijl hij ook zelf als man de gevolgen ondervindt.

Met zijn bijna 450 pagina’s is De macht geen dun boek. Maar hoewel ik meestal de voorkeur geef aan dunne boeken omdat dikke boeken lang niet altijd hun aantal pagina’s kunnen rechtvaardigen, heb ik geen moment het gevoel gehad dat De macht storend dik was. Het snel wisselende perspectief en de interessante ideeën zorgen ervoor dat je als lezer nooit verveeld raakt. En Alderman heeft door middel van humor het boek, dat toch aan een bredere maatschappelijke discussie raakt, prettig leesbaar gemaakt. Leuk om te lezen vond ik vooral de stukken waarin de huidige maatschappij wordt gespiegeld: niet meisjes maar jongens mogen niet meer ‘s avonds alleen over straat en als een man door een vrouw wordt aangevallen heeft hij er door zich op een bepaalde manier te kleden of te gedragen misschien wel om gevraagd.

Op de vijfde dag waren de jongens en de meisjes uit elkaar gehaald. Het leek logisch, toen ze erachter kwamen dat de meisjes het deden. Nu al zijn er ouders die tegen hun jongens zeggen dat ze niet alleen naar buiten mogen, in de buurt moeten blijven. […] [Z]e reorganiseerden. Jongensbussen brachten hen veilig naar jongensscholen.
(pagina 37 – 38)

Al met al is De macht een heel leuk, experimenteel boek. Voor wie geïnteresseerd is in boeken die onze huidige maatschappij op de hak nemen maar tegelijkertijd naast de humor relevant zijn is De macht zeker een aanrader. Het is absoluut een boek dat je aan het denken zet. Wat denk jij: zou een maatschappij waarin vrouwen machtiger zijn dan mannen vreedzamer zijn dan andersom?

Het monster van Essex – Sarah Perry

Cover van Het monster van Essex door Sarah Perry

Het is een prachtig boek dat vorig jaar verscheen: Het monster van Essex, het debuut van Britse auteur Sarah Perry. De cover is enorm opvallend en misschien zou niet iedereen ervan houden, maar ik vind hem persoonlijk prachtig. Dat, samen met de lovende recensies die ik al over dit boek had gelezen, heeft me overtuigd om met boekenbonnen die ik nog had liggen dit boek aan te schaffen. Heb ik spijt van mijn aankoop? Dat niet per se, maar ik vond het lang niet zo mooi als ik had verwacht.

Het monster van Essex speelt zich af in Engeland in de Victoriaanse tijd. Natuurlijk heb ik uitgebreid research gedaan naar deze periode voordat ik het boek las (lees: ik heb vijf minuten doorgebracht op https://en.wikipedia.org/wiki/Victorian_era) en ben er toen achter gekomen dat deze periode normaal gesproken gekenmerkt wordt door preutsheid en een grote armoede in steden waar fabrieksarbeiders moesten rondkomen van een hongerloontje. Genoeg ingrediënten dus voor een goed verhaal, zou je zo denken. En Sarah Perry heeft haar research ook goed gedaan. De beschrijvingen voelen heel geloofwaardig en ze verantwoord ook waar ze haar informatie vandaan heeft gehaald achterin het boek. Opvallend is dat zij er juist niet voor heeft gekozen om te schrijven over terughoudende vrouwen die vol preutsheid hun rol vervullen. Cora, de hoofdpersoon in dit boek, kan zelfs modern genoemd worden.

Het monster waarnaar de titel verwijst speelt een grote rol. Mensen in een klein dorpje in Essex zijn ervan overtuigd dat alle pech die zij hebben door het monster veroorzaakt wordt: mensen die sterven zijn vast en zeker gedood door het monster, en mensen die zich vreemd gedragen zijn vast en zeker onder de invloed van het beest. Het maakt ze bang en de dominee in het dorp, William Ransome, heeft er een hele kluif aan om “zijn kudde” te overtuigen dat het monster niet bestaat. Na het overlijden van haar man verhuist Cora van Londen naar een klein dorp in de buurt van het dorp waar William woont en door wederzijdse vrienden worden zij aan elkaar voorgesteld. Een onwaarschijnlijke vriendschap bloeit op. Samen met Cora komt ook Martha mee; zij is een soort dienstbode en zorgt deels voor Francis, de zoon van Cora.

De kracht van Het monster van Essex zit in de diversiteit van de personages. Ze zijn verschillend en allemaal helemaal zichzelf. En het is slim hoe Perry dingen in het verhaal heeft verwerkt die voor een lezer in de eenentwintigste eeuw overduidelijk zijn, maar die de personages zelf niet (kunnen) weten. Francis, bijvoorbeeld, is overduidelijk autistisch maar omdat in de Victoriaanse tijd zulke labels nog niet bestonden vinden mensen hem simpelweg een hele vreemde jongen. En vanaf het begin van het boek ga je je als lezer afvragen hoe het nou precies zit tussen Cora en Martha: ze slapen wel samen, maar is dat uit noodzaak of uit liefde? Tegelijkertijd zijn ook de personages hetgeen waar Perry de plank volledig misslaat. De eerste helft van het boek leer je de personages goed kennen: je weet wat ze drijft en welke problemen ze hebben. Daarna hoop ik als lezer toch op ontwikkeling, veranderingen of complicaties. Maar dat blijft uit. Nergens in Het monster van Essex gaat Perry verder dan de oppervlakte en dat zorgt ervoor dat haar personages een verzameling karikaturen blijven met eigenschappen die duidelijk door Perry gekozen zijn omdat ze toen taboe waren en niet altijd omdat die eigenschappen ook daadwerkelijk iets toevoegen aan het verhaal.

Ik wil niet zeggen dat Het monster van Essex een saai of slecht boek is, want ik heb het absoluut met plezier gelezen. Perry’s stijl is prettig beschrijvend en de personages zijn, zoals gezegd, heel divers (arm en rijk, man en vrouw, conservatief en liberaal, en ga zo maar door). Maar het is een boek van bijna 400 pagina’s en na de eerste 200 gebeurde er niets schokkends meer, of misschien beter gezegd: de personages ontwikkelden zich amper meer. Het was allemaal nogal voorspelbaar geworden. En dat is jammer. Maar als je houdt van historische fictie en eens een keertje niet wilt lezen over hoe braaf en preuts iedereen in de Victoriaanse tijd was, is Het monster van Essex nog steeds een aanrader.

De foto van de cover heb ik gevonden via de recensie die in het NRC over dit boek verscheen en die een heel stuk positiever is dan die van mij:
https://www.nrc.nl/nieuws/2017/07/21/hoera-deze-vrouw-valt-niet-in-katzwijm-12175085-a1567356 

Zout op mijn huid – Benoîte Groult

Zout op mijn huid

Voor mijn verjaardag kreeg ik dit boek van een vriendin. De schrijfster, Benoîte Groult, is in 2016 overleden en daardoor hebben haar boeken weer wat extra aandacht gekregen in kranten en dergelijke. In alle stukjes die ik over haar heb gelezen wordt genoemd dat ze een feminist was dus ik denk dat dat ook in het achterhoofd van mijn vriendin zat toen ze dit boek voor me kocht.

Zout op mijn huid verscheen voor het eerst eind jaren tachtig van de vorige eeuw en is dus bijna 30 jaar geleden geschreven. Het is een ontzettend expliciet geschreven verhaal over de Franse intelluectuele vrouw George die opgroeit in een klein plaatsje. Daar ontmoet ze Gauvain, een jongen die een paar jaar ouder is dan zij. De aantrekkingskracht tussen George en Gauvain wordt door de jaren heen steeds sterker. Maar Gauvain is een echte zeeman, steeds maanden van huis en niet hoogopgeleid, terwijl George wél de kans heeft gehad om lang door te leren en zich te gaan begeven in een meer intellectueel milieu. Zij maakt daarom ook de keuze om zich niet te binden aan Gauvain.

Maar ondanks dat ze op bepaalde manieren niet in elkaars leven passen wordt de liefde die ze voor elkaar voelen door de jaren heen niet minder sterk. Vooral de lichamelijke aantrekkingskracht is enorm en Zout op mijn huid is dan ook vooral een verhaal over de seksuele relatie tussen George en Gauvain. Ze zijn allebei getrouwd en hij heeft zelfs een paar kinderen, maar hun hele leven lang maken ze tijd om seks met elkaar te hebben. En Groult houdt er niet van om er doekjes om te winden: het is allemaal ontzettend expliciet geschreven. En de kracht van het verhaal zit hem er vooral in dat George degene lijkt te zijn die de touwtjes in handen heeft: zij maakte de keuze om niet met Gauvain haar leven te delen, zij neemt vaak het inititief en hoewel ook Gauvain heus wel inbreng heeft laat zij geen dingen gebeuren die ze niet wil doen puur en alleen om hem te pleasen.

Dus voor iedereen die wel op zoek is naar een boek vol met erotische spanning maar die niet wil lezen over een vrouw die zich totaal onderdanig opstelt tegenover een man: Zout op mijn huid is het boek voor jou!

Tangleweed and Brine – Deirdre Sullivan

Cover van het boek Tangleweed and Brine door Deirdre Sullivan

Omdat ik nu een tijdje in Engeland woon voor mijn studie heb ik volop de gelegenheid om in de mooie boekwinkels alle boeken te bekijken die in Nederland (nog) niet verkrijgbaar zijn. Het nadeel van rondkijken in mooie boekwinkels: ik wil alle boeken die ik zie gelijk kopen en dat is budgettechnisch niet zo verstandig. Maar af en toe moet je jezelf ook een kleinigheidje gunnen en dat is waarom ik Tangleweed and Brine van Deirdre Sullivan tóch heb gekocht. Wat me in eerste instantie aansprak was de vrij opvallende cover, maar toen ik de omschrijving op de achterkant las was ik direct verkocht:

Bewitched retellings of classic fairy-tales with brave and resilient heroines. Tales of blood and intrigue, betrayal and enchantment […] – not for the faint-hearted or damsels in distress.

Eigenlijk komt het er dus op neer dat Deirdre Sullivan feministische hervertellingen van bekende sprookjes heeft geschreven. Er staan sprookjes in zoals Hans & Grietje, Assepoester, Belle en het Beest, en ga zo maar door. Maar niet alleen de tekst in dit boek is belangrijk. Bij alle verhalen is door illustrator Karen Vaughan een prachtige afbeelding gemaakt. Deze hoort bijvoorbeeld bij het sprookje ‘Doing Well’ (gebaseerd op De kikkerkoning):

Foto van de illustratie op pagina 97 van het boek Tangleweed and Brine

De taal die Sullivan gebruikt is prachtig en poëtisch. Nog meer dan de verandering die de sprookjes hebben doorgemaakt was ik daarom onder de indruk van de manier waarop de verhalen werden verteld. Opvallend is ook dat het perspectief niet in alle sprookjes hetzelfde is; Sullivan wisselt af tussen eerste, tweede en derde persoon enkelvoud (ik, jij, hij / zij). Het is door de stijl die Sullivan gebruikt denk ik een lastige klus om deze sprookjes mooi te vertalen, maar er zijn vast en zeker vertalers die deze klus aan zouden kunnen. Naar mijn weten is er nog geen Nederlandse uitgeverij bezig met Tangleweed and Brine te vertalen en uit te geven in Nederland. Maar wat niet is kan nog komen. Tot die tijd hebben alle mensen wiens Engels goed genoeg is om sprookjes te kunnen lezen vast en zeker voldoende aan het origineel!

The Hours – Michael Cunningham

Cover van het boek The Hours

Toen ik op vakantie was heb ik het boek The Hours van Michael Cunningham gelezen. En ondanks dat ik aan zee in het zonnetje zat kreeg ik soms toch nog een koude rilling. Want The Hours is een boek dat je echt aangrijpt. Geen typisch vakantieboek dus, maar wel een prachtig verhaal.

In The Hours volgen we het verhaal van drie vrouwen: Clarissa, Laura en Virginia Woolf (die natuurlijk echt bestaan heeft). Er wordt slechts één dag in het leven van de vrouwen beschreven maar die korte tijd is voldoende om dit boek te vullen met hun interessante verhalen. De hoofdstukken over de drie vrouwen wisselen elkaar af; elk hoofdstuk volg je weer een van de drie. De levens van Virginia Woolf, Laura en Clarissa lijken in eerste instantie niets met elkaar te maken te hebben, maar Michael Cunningham weet ze toch op een mooie manier met elkaar te verweven. De belangrijkste link tussen deze drie levens lijkt het boek Mrs Dalloway te zijn. In de hoofdstukken waar Virginia de hoofdrol speelt is zij bezig met het schrijven van haar wereldberoemde werk, Laura leest het boek jaren later en Clarissa (opnieuw een generatie later) wordt door een vriend Mrs Dalloway genoemd. Maar niet alleen inhoudelijk speelt Mrs Dalloway een rol, ook in de stijl zie je het weerspiegeld worden. Het kan daarom waardevol zijn bij het lezen van The Hours als je bekend bent met het werk van Virginia Woolf.

Hoewel het verhaal niet direct complex is en de door elkaar lopende verhaallijnen niet lastig te volgen zijn, is The Hours absoluut geen lichte kost. In The Hours speelt namelijk depressie een grote rol. Het is natuurlijk bekend dat Virignia Woolf zelfmoord heeft gepleegd en het is dus ook niet verrassend dat Cunningham dit deel van haar leven verwerkt in zijn verhaal, maar ook de andere personages komen op een bepaald punt met depressies in aanraking. Cunningham weet precies de juiste woorden te vinden om alle gevoelens van de personages te beschrijven. Op pagina 142 van de versie die ik heb gelezen (ISBN 9781841150352) staat bijvoorbeeld het volgende:

Is this what it’s like to go crazy? She’d never imagined it like this — when she’d thought of someone (a woman like herself) losing her mind, she’d imagined shrieks and wails, hallucinations; but at that moment it had seemed clear that there was another way, far quieter; a way that was numb and hopeless, flat, so much so that an emotion as strong as sorrow would have been a relief.

The Hours is geen dik boek maar ik heb er in verhouding vrij lang over gedaan om het te lezen. Passages als bovenstaande lees je gewoon niet vlug, daar neem je even de tijd voor. Ik kan me voorstellen dat voor mensen die gevoelig zijn voor depressies The Hours een moeilijk boek is om te lezen. De woorden van Cunningham komen echt binnen en ook omdat de zelfmoord van Virigina Woolf wordt beschreven kan dit boek vrij intensief zijn. Maar ik kan niet anders zeggen dan dat ik dit een prachtig boek vond. Het is een nieuwe toevoeging aan mijn rijtje met favorieten.

Mocht je geïnteresseerd zijn in het verhaal maar ben je bang dat het boek lezen er voorlopig niet in zit: The Hours is een aantal jaar geleden ook verfilmd met onder andere Meryl Streep in één van de hoofdrollen. Het nadeel is dan wel dat je de mooie zinnen van Cunningham moet missen…

Foto van de cover van het boek via http://www.michaelcunninghamwriter.com/books/the_hours

HhhH – Laurent Binet

Cover van het boek HhhH Himmler's hersens heten Heydrich door Laurant BinetHet boek HhhH met de ondertitel Himmlers hersens heten Heydrich van Laurent Binet is al ontzettend bekend. En niet zonder reden, ontdekte ik toen ik het eenmaal had gelezen. HhhH is een origineel verhaal over een aanslag tijdens de Tweede Wereldoorlog; een oorlog waar al zoveel over geschreven en gemaakt is dat ik bang was dat Binet moeite zou hebben om het ook literair nog creatief en origineel te maken. Maar Binet heeft een bekend verhaal omgetoverd in iets speciaals door zijn geweldige schrijfstijl.

De originele titel van het boek is HHhH, oftewel Himmlers Hirn heißt Heydrich. Het is mooi dat het Duits zo op het Nederlands lijkt, want de titel kon probleemloos vertaald worden zonder verlies van het acroniem. Ik snap niet helemaal dat er gekozen is voor hersens in plaats van hersenen, maar ja, over smaak valt niet te twisten. De titel geeft al deels weer waar het verhaal over zal gaan, namelijk Heydrich, een belangrijke figuur in Nazi-Duitsland. In 1942 is er een aanslag op zijn leven gepleegd en die gebeurtenis is het onderwerp en uitgangspunt van dit boek.

Het onderwerp van het boek is niet per se hetgeen HhhH zo bijzonder maakt, want over Heydrich is al veel geschreven. Maar wel uniek is de manier waarop Binet het verhaal schrijft. Het is bijna alsof hij als auteur de lezer een blik gunt in het schrijfproces. Het verhaal wordt verteld vanuit het oogpunt van een verteller die constant uitlegt wat hij aan het doen is: dat hij onderzoek doet naar personages, dat hij zijn vriendin mee heeft genomen naar een oorlogsmuseum om achter meer feiten te komen, dat hij heeft geprobeerd om een passage zo spannend mogelijk te vertellen en ga zo maar door. Als lezer word je steeds weer op het proces, op het schrijven an sich, gewezen. Het is alsof je naar een film kijkt en alle crew gewoon in beeld wordt gebracht: je ziet niet alleen het verhaal, maar je kijkt ook naar hoe dat verhaal wordt gemaakt, en dat wordt op die manier dus óók een onderdeel van het verhaal dat de kijker (of lezer) krijgt voorgeschoteld. Het proces wordt onderdeel van het eindproduct: de cameraman wordt acteur, de schrijver een personage.

Als lezer leer je al vrij snel om de verteller niet al te erg te vertrouwen. Net na een pakkende dialoog komt een zin waarin de verteller iets zegt als ‘dit is natuurlijk niet echt zo gebeurd, dit heb ik verzonnen om het mooier te maken’. Of een feit wordt een aantal hoofdstukken later door de verteller verbeterd: hij had het fout eerder in het boek, zoals hij het zei was het helemaal niet gegaan, hij heeft nu nieuw bewijs. Ik denk dat de verteller in HhhH voor veel studenten een ontzettend interessant onderwerp voor een essay zou zijn.

Los van hoe interessant dit boek op literair niveau is, ook het verhaal draagt zijn steentje bij. Ik wist persoonlijk nog niet veel over Heydrich en zeker niet over de mannen die een aanslag op zijn leven hebben gepleegd. De Tweede Wereldoorlog vind ik eindeloos interessant; de bijzondere manier van vertellen doet niets af aan hoeveel impact een verhaal als dat over Operatie Anthropoid op iemand kan hebben.

De VPRO is in 2017 begonnen met het uitzenden van een serie gebaseerd op dit boek. Alle aflevering staan naar mijn weten nu nog gewoon online en ik ben zeker van plan om de serie te gaan bekijken. De recensies die eerder dit jaar verschenen zijn lovend: op 24 april schreef Hans Beerekamp in het NRC “Na drie van de zeven afleveringen kan ik wel tien redenen noemen waarom Roel van Broekhovens tv-serie voor de VPRO naar Laurent Binets bestseller […] heel erg goed gelukt is” (de hele recensie is nog te lezen op de website van het NRC). Het promofilmpje dat de VPRO heeft gemaakt ziet er in ieder geval intrigerend uit.

Als je geïnteresseerd bent in verhalen over de Tweede Wereldoorlog is HhhH natuurlijk een absolute aanrader, maar ook voor mensen die normaal gesproken boeken over de oorlog links laten liggen kan het boek interessant zijn. De manier van vertellen maakt van HhhH meer dan een ‘gewone’ oorlogsroman en ik weet zeker dat het me nog lang bij zal blijven (en me misschien nog inspireert tot het schrijven van een aantal leuke essays over verteltechnieken).

Afbeelding van de cover van het boek via http://www.meulenhoff.nl/nl/p4c36fcf32b2f4/11656/9789460925597/hhhh.html.

De klokkenluider van de Notre-Dame – Victor Hugo

Cover van het boek De klokkenluider van de Notre-Dame door Victor HugoEen paar weken geleden was het laatste college van dit schooljaar (mag je dat nog zo noemen als je studeert?). Na bijna een jaar lang alleen tijd te hebben gehad voor boeken over juridische vraagstukken en verder romans die docenten voor me hadden uitgekozen vond ik het hoog tijd om tijd een boek te lezen waaraan ik normaal gesproken niet toe zou komen. En ik weet niet waarom, maar ik wilde ontzettend graag De klokkenluider van de Notre-Dame lezen. Dus dat deed ik. En het is de beste keuze die ik in tijden heb gemaakt.

Als kind heb ik de Disneyfilm natuurlijk gezien. Quasimodo, de lelijke klokkenluider, die als het ware opgesloten zit in de Notre-Dame en daar alleen kan praten met de beelden die op een of andere magische manier voor hem tot leven komen. En dan komt Esmeralda… De details ontgaan me, maar ik weet dat zij en haar geitje een paar oorbellen deelden en dat een knappe man op een paard ook iets met het verhaal te maken had. Maar voor wie bekend is met Les Misérables weet dat Victor Hugo’s boeken niet zo sprookjesachtig zijn als Disney ons wil doen geloven. En gelukkig maar. Want de Klokkenluider van de Notre-Dame is een prachtig boek, vol met tragische gebeurtenissen en mensen die egoïstisch en vreemd zijn. En ik heb van elke pagina genoten.

Ik moest wel wennen aan het boek. Ik moet eerlijk bekennen dat ik na de eerste honderd pagina’s gelezen te hebben ontzettende spijt had van mijn keuze: ik vond het saai en langdradig en kon niet wachten tot het over was. En dan te bedenken dat ik nog zo’n 500 pagina’s voor de boeg had… Maar gelukkig werd het verhaal zo meeslepend dat ik het boek niet meer neer wilde leggen en ondanks een bomvolle vakantieplanning heb ik het boek binnen een week tijd helemaal uitgelezen. Hugo schetst de personages op zo’n manier dat ze echt voor me gingen leven. En dat terwijl eigenlijk geen enkel personage sympathiek is. Vooral leuk vond ik om de stukjes te lezen die over rechten / de juridische wereld gaan (alhoewel die jammergenoeg niet echt erg vaak voorkomen). Op een bepaald moment schrijft Hugo een stukje over een dove rechter:

Het belette meester Florian geenszins recht te spreken […] en nog heel behoorlijk ook. Iedereen weet dat een rechter slechts de schijn hoeft te wekken dat hij luistert en aan deze eis, de enig [sic] voorwaarde voor goede rechtspraak, voldeed de edelachtbare […] des te beter daar geen enkel geluid zijn aandacht af kon leiden. (pagina 225)

Van zulke stukjes word ik tijdens het lezen van een boek gewoon vrolijk. Verder was het simpelweg een prachtig verhaal, dat veel minder dan ik had verwacht alleen om Quasimodo draaide maar ook juist heel veel om Claude Frollo (de man die hem in leven houdt in de Notre-Dame) en Esmeralda. Maar het verhaal is niet vrolijk en geheel volgens verwachtingen loopt deze Franse, gotische roman niet erg goed af. Voor wie niet houdt van boeken zonder happy ending: kijk vooral de Disneyfilm nog een keertje. Die blijft, los van het boek waar het op gebaseerd is, een van mijn favorieten. Voor wie houdt van dikke boeken vol met interessante (maar niet per se aardige) personages: als je tijd over hebt zou ik je De klokkenluider van de Notre-Dame zeker aanraden.

Foto van de cover van het boek via http://www.singeluitgeverijen.nl/athenaeum/boek/de-klokkenluider-van-de-notre-dame/. Dit is ook de versie die ik gelezen heb; een prachtige uitgave van uitgeverij Athenaeum.