Uit de kunst

De meeste boeken die ik lees zijn fictie, zoals je wel zult weten als je mijn blog al een tijdje volgt. Af en toe lees ik non-fictie of anderssoortige boeken (zoals Moderne Romantiek van Aziz Ansari laatst, of een boek als Opgeruimd! van Marie Kondo) maar dat is eerder uitzondering dan regel. Maar er is nog een soort boeken waar ik gek op ben: kunstboeken!

160413 Uit de kunst 1 (Vermeer en Rubens)Kunstboeken zijn er in vele soorten en maten. Zelf heb ik er twee die zich richten op één kunstenaar (zoals je ziet op de foto zijn dat Vermeer en Rubens). In zulke boeken wordt vaak verteld over het leven van de kunstenaar en worden de belangrijkste of zelfs alle werken van de kunstenaar besproken. Er zijn natuurlijk ook kunstboeken die een specifieke stroming uitlichten, of een bepaalde tijd of gebied. Maar het allermooiste vind ik denk ik de grote verzamelingen: boeken zoals The story of art, die uitgebreid de allereerste kunst tot de meest recente laten zien. Op die manier zie je echt de ontwikkelingen en kun je beter verbanden leggen.

160413 Uit de kunst 2
Natuurlijk zijn dit geen boeken die je even in een avondje helemaal uitleest. Het zijn dikke, zware boeken die je beter kunt bestuderen dan ‘echt lezen’. Het is natuurlijk geen verhaal, maar informatie. Als je kunstboeken leest voor je plezier hoef je geen examen af te leggen aan het einde van het boek, dus hard leren en feitjes uit je hoofd leren hoeft nou ook weer niet, maar als je van het lezen echt iets wilt opsteken moet je goed je aandacht bij de tekst houden. Als je het echt puur voor de lol doet kun je ook lekker door het boek bladeren en naar de mooie plaatjes kijken, want die zijn vaak van hoge kwaliteit in kunstboeken.

160413 Uit de kunst 3Ik vind het zelf heel erg leuk om door de boeken heen te bladeren en als ik dan een mooi schilderij of ander kunstwerk tegenkom de informatie die erbij staat te lezen. Het is niet hetzelfde als in een museum voor dat kunstwerk staan; dat is veel indrukwekkender, die ervaring is niet vergelijkbaar met kijken naar een plaatje in een boek. Maar dat hoeft ook niet: een kunstboek staat boordevol kunst die je anders misschien niet had gezien, en je hebt alle tijd om er rustig naar te kijken. Het is te vergelijken met een live-concert van je favoriete band versus een playlist op Spotify: dat je het ene veel leuker vindt betekent niet dat het andere stom is. Voor iedereen die (een klein beetje) geïnteresseerd is in kunst is het hartstikke leuk om eens een kunstboek te lezen!

Lezen in tijden van stress

Iedereen kent het gevoel wel: je bent zo druk bezig met ‘belangrijke’ dingen (druk op het werk, school, universiteit) dat je aan ontspanning maar weinig toekomt. Maar juist als je het erg druk hebt is ontspanning ontzettend belangrijk, om je gaande te houden en je ervoor te behouden dat je jezelf voorbij rent. Ik merk altijd dat ik in tijden van meer stress en drukte aan lezen minder toekom, en dat terwijl ik juist zo blij en ontspannen word van een goed boek! Ik heb dus een aantal goede tips en tricks op een rijtje gezet om je door die drukke tijd heen te helpen, om te zorgen dat je ook in stressvolle tijden gewoon rustig kunt blijven lezen.

Tip 1: Dwing jezelf niet tot het lezen van ‘moeilijke’ boeken!
Ik heb als ik moet leren voor tentamens echt geen zin om me ook nog door een taai boek heen te moeten worstelen. Als je gestresst bent is het misschien verstandig om boeken als Oorlog en vrede eventjes links te laten liggen, en je gewoon te verliezen in makkelijk lezend boek. Sowieso ben ik niet echt een voorstander van moeilijke boeken lezen omdat het zou moeten (ik schreef er zelfs al een blogpost over; die kun je hier lezen), maar zeker niet als je het al druk hebt!

Oorlog en vrede door Leo Tolstoj Misschien is dit niet het moment om Oorlog en vrede te lezen…

 

 

 

Tip 2: Maak van lezen een echt verwenmomentje!
Niemand heeft de energie om 24/7 door te rennen zonder een momentje rust. Als je het druk hebt is het belangrijk om van je pauzes een echt verwenmomentje te maken. Als ik een drukke dag achter de rug heb vind ik het heerlijk om in mijn grote stoel te gaan zitten met een kopje thee en een stukje chocolade bij de hand (tikje cliché misschien, maar soit), een dekentje om mezelf heen te wikkelen en een uurtje de tijd te nemen voor een goed boek. Misschien is het wel verstandig om een kookwekkertje te zetten, zodat je niet door en door blijft lezen terwijl je eigenlijk geen tijd meer over hebt…

Tip 3: Laat je ‘reading challenge’ even met rust!
Net als vele anderen heb ook ik weer een reading challenge dit jaar. In 2016 wil ik minimaal 52 boeken lezen, oftewel een boek per week. Maar in weken dat je het druk hebt ga je waarschijnlijk minder lezen dan je normaal gesproken zou doen, dat is nu eenmaal zo. En ja, misschien ga je iets achter lopen op je reading challenge. Grote kans dat je daardoor alleen maar nog meer gestresst wordt; ik vind het in ieder geval vervelend om niet voldoende te lezen! Maar op dit moment moet lezen alleen ontspanning zijn en niet het volgende ‘moetje’ dat je stress bezorgt. Laat die challenge dus maar even zitten, waarschijnlijk lees je in de vakantie of in een rustig weekend meer dan gemiddeld en dan heb je die achterstand zo weer weggewerkt!

Het belangrijkste van allemaal is dus: geniet gewoon van je boek, en blijf lezen zien als ontspanning!

160327 Boek met koffieIk ga nu weer fijn in mijn stoel zitten, met een lekker makkelijk boek en een kopje thee. Geniet van het lezen, en als je een drukke week hebt: veel succes!

(credits voor de koffie/boek foto: https://pro.com/blog/wp-content/uploads/book_and_mug-e1442257434340.jpg en de Oorlog en vrede foto: http://www.dwarsligger.nl/wp-content/uploads/boekdb/4de6e8995c79a3.56774598.jpg)

‘Twintig regels liefde’ – Rowan Coleman

Foto van het boek Twintig regels liefde door Rowan ColemanToen ik een foto van Twintig regels liefde voorbij zag komen op Twitter was ik gelijk verliefd op de cover. Ik vond het boek er fris en vrolijk uitzien, met die blauwe lijntjes en afbeeldingen op de voorkant. Maar is het boek wel net zo leuk als de voorkant doet vermoeden?

Titel: Twintig regels liefde (origineel: We are all made of stars)
Auteur: Rowan Coleman
ISBN: 9789022575994
Uitgeverij: Boekerij

Twintig regels liefde gaat over Stella, een jonge vrouw die in een hospice werkt. Ze is vooral ‘s nachts aanwezig en maakt tijdens haar diensten veel opmerkelijke en bijzondere dingen mee. In het hospice komen mensen die waarschijnlijk niet lang meer te leven hebben, maar ook patiënten die na een zware periode moeten aansterken. Die mix van berusting en hoop is bijzonder: je maakt mensen op hun kwetsbaarste moment mee. Stella heeft de gewoonte om, als mensen daar om vragen, een laatste brief voor ze te schrijven. Ze belooft die laatste brief pas te versturen als de afzender overleden is. Op deze manier kunnen mensen nog een blijvend afscheid nemen, iets wat de nabestaanden kunnen bewaren en koesteren.

Naast haar werk speelt ook Stella’s persoonlijke leven een grote rol in Twintig regels liefde. Stella is in het hospice de rustige, sterke zuster maar zij heeft het thuis niet gemakkelijk. Haar man, Vincent, is in de oorlog erg zwaar gewond geraakt en heeft daar een aantal van zijn ‘broeders’ verloren. Hij is erg veranderd, en hun relatie verloopt moeizaam. Ze maken veel ruzie en het lijkt erop dat hun huwelijk geen stand kan houden, terwijl Vincent eigenlijk na zo’n heftige periode juist de steun van zijn vrouw nodig heeft.

Naast Stella speelt ook Hope een hoofdrol in het boek. Hope is een meisje van twintig jaar, en ze heeft taaislijmziekte. Ze heeft een bacteriële infectie opgelopen die haar bijna de das om heeft gedaan, maar ze heeft het overleefd en is nu in het hospice om aan te sterken. Hope voelt zich niet de volwassen vrouw die ze nu zou ‘moeten’ zijn; ze zondert zich vaak af van de rest van de wereld om zo min mogelijk geconfronteerd te worden met haar eigen ziekte. Gelukkig heeft ze een goede vriend, Ben, die haar af en toe meesleept naar buiten om iets te maken van haar leven.

Daarnaast gaat Twintig regels liefde ook over Hugh, een man die alleen woont en in een museum werkt. Hij gaat bewust geen al te diepe relaties aan met mensen, omdat hij denkt vooral in zijn eentje gelukkig te kunnen zijn. Maar dan komt er een jonge vrouw naast hem wonen, en nou, je begrijpt natuurlijk al wel een beetje welke kant dit op gaat… Hij speelt een iets minder grote rol in het boek en lijkt in het begin eigenlijk geen link te hebben met het hospice, wat hem een nogal loshangend personage maakt. Maar meer richting het einde van het boek wordt hij ook bij het hospice betrokken, en snappen we het verband tussen zijn leven en één van de brieven die Stella heeft geschreven.

Twintig regels liefde is vooral sterk in zijn originaliteit: hoe vaak lees je nou een boek over mensen die in een hospice werken dan wel als patiënt in een hospice verblijven? Ook was het prettig dat het hospice niet de enige plek is waar het verhaal zich afspeelt. Hoewel het wel de plek is die alle personages met elkaar verbindt (hoewel Hugh pas veel later), beperkt Coleman zich niet tot dat toneel en laat ze de personages ook naast het hospice een leven hebben. Juist die stukjes buiten het hospice geven het boek kleur, omdat de hoofdpersonages alledrie niet op sterven liggen en dus hun persoonlijke leven zich vooral buiten het hospice afspeelt.

In het boek wordt het verhaal over de levens van Stella, Hope en Hugh afgewisseld met brieven die Stella heeft geschreven; ze zijn niet aan het verhaal gekoppeld en lijken altijd iets aan het plot toe te voegen. Storend zijn deze brieven desondanks niet: ze passen erg goed in de sfeer van het boek, en zorgen voor wat extra humor af en toe (want lang niet alle ‘laatste brieven’ zijn dieptreurig!). Één van de brieven die ze schrijft gaat een hoofdrol spelen in het latere gedeelte van het verhaal. Normaal gesproken bezorgt ze de brieven pas als de afzender is overleden, maar Stella vindt van deze brief eigenlijk dat hij verzonden moet worden terwijl de afzender nog leeft, om een eventuele hereniging / afscheid mogelijk te maken…

Ik moet wel zeggen dat ik Twintig regels liefde geen diep, of écht indrukwekkend boek vond. Het was prettig om te lezen, het verhaal was origineel en de personages leuk, maar ik miste hier en daar wel wat diepgang. Vooral omdat eigenlijk alle hoofdpersonages alles met de beste bedoelingen doen, hun leven allemaal beteren, en alles loopt ook helemaal goed af voor iedereen. Dit klinkt misschien wat cru, maar ik had graag iets meer verdriet of verlies willen zien. Hoewel een hospice voldoende ruimte geeft voor wat indrukwekkende scènes wordt hiervan geen gebruik gemaakt: zelfs als er een personage met een erg kleine rol in het boek sterft, gaan de andere personages daar op een verstandige, rustige manier mee om (ze zijn even verdrietig, maar trekken daarna een les uit alles wat is gebeurd en proberen om alles nog een positieve draai te geven). Dus hoewel Coleman een interessante achtergrond heeft gekozen voor haar verhaal, zijn de personages een beetje te ‘standaard’ om er het maximale uit te halen. Maar of dit gebrek aan echte diepgang per se negatief is ligt aan de verwachtingen van de lezer. Als je Twintig regels liefde oppakt om een origineel verhaal te lezen, met sympathieke hoofdpersonages, en er met een goed gevoel uit te komen ben je zeker aan het goede adres. Ben je op zoek naar een boek met iets meer (literaire) diepgang kun je misschien beter op zoek naar een ander boek. Ik heb Twintig regels liefde in ieder geval met veel plezier gelezen en zou het je zeker aanraden.

‘Moderne romantiek’ – Aziz Ansari

Cover van het boek Moderne Romantiek door Aziz AnsariAziz Ansari is een bekende Amerikaanse stand-up comedian en acteur. Naar aanleiding van persoonlijke ervaringen werd zijn interesse in ‘moderne romantiek’ gewekt. Samen met socioloog Eric Klinenberg heeft hij een groot onderzoek opgezet, om te ontdekken hoe het is om in ons digitale tijdperk te daten.

Titel: Moderne romantiek
Auteur: Aziz Ansari
ISBN: 9789022576281
Dit jaar (2016) verschenen bij uitgeverij Boekerij.

Wie Aziz Ansari al kent van zijn comedy- of acteerwerk verwacht misschien een ontzettend grappig en niet-serieus boek. Hij is immers het personage dat met ‘Treat yo self’ kwam in de Amerikaanse show Parks and recreation, wat op het internet uitgegroeid is tot een ware meme.

Dit boek is echter veel wetenschappelijker dan je misschien zou verwachten van een comedian als Ansari. Speciaal voor Moderne romantiek is Ansari een samenwerking aangegaan met socioloog Eric Klinenberg; ze hebben samen twee jaar lang vele onderzoeken verricht in (vooral) de Verenigde Staten, maar ook in Tokia, Buenos Aires en Parijs. Daar ondervroegen ze grote groepen mensen naar hun ervaringen met daten, zowel online als offline. Bijvoorbeeld werd gevraagd naar hun ervaringen op datingwebsites als OkCupid, de meer ‘standaard’ datingssites dus, maar ook de ‘snellere’ datingssites als Tinder krijgen veel aandacht.

Ansari is vooral geïnteresseerd in de vraag hoe het daten / de romantiek veranderd is door alle mogelijkheden die mensen hebben door internet. Vroeger trouwden mensen met iemand die ze al jaren kenden, het meisje of de jongen uit dezelfde woonplaats of zelfs straat als zij. Met internet kwamen er miljoenen potentiële liefdespartners bij. ‘Op welke manier is de wereld van de romantiek toen veranderd?’ lijkt de meest belangrijke onderzoeksvraag van dit wetenschappelijke onderzoek. Al die resultaten hebben ze toen op een wetenschappelijk verantwoorde manier verwerkt en Ansari heeft daar een lopend verhaal van gemaakt en er een humoristisch sausje overheen gegoten. Veel resultaten worden duidelijk weergegeven in een tabel of grafiek, waarna Ansari de resultaten nog toelicht. Erg leuk zijn bij die toelichting nog de anekdotes: naast het ‘droge’ onderzoek is Ansari ook met vele mensen in gesprek gegaan en Moderne romantiek staat daarom vol met waargebeurde verhalen en persoonlijke ervaringen van mensen.

De resultaten van het onderzoek zijn niet echt wereldschokkend maar zeker leuk om te lezen. Zo vertelt Ansari over welk soort profielfoto ervoor zorgt dat je populair wordt op een datingssite en wordt er vergeleken wat de afstand was tussen de woonplaatsen van partners vroeger en nu (spoiler: door internet en vele andere redenen zoeken we onze partners in de huidige samenleving van veel verder weg dan mensen vroeger deden!). In Moderne romantiek vraagt Ansari zich af of de huige romantiek ‘beter’ is dan de vroegere romantiek. We hebben misschien meer opties, je kunt met meerdere potentiële liefdespartners in contact komen, maar zorgt dat er wel voor dat je betere keuzes maakt? En zijn we nu gelukkiger in relaties, of zijn de gelukkigsten eigenlijk de bejaarden die al zestig jaar getrouwd zijn met hun partner?

Heel erg fijn vond ik dat het boek in hoge kwaliteit is uitgegeven. De pagina’s zijn helder en voelen stevig aan, en alle foto’s en plaatjes (en daarvan zijn er veel!) zijn prachtig in kleur afgedrukt. Het boek voelt daarom bijna luxe aan als je het in je handen hebt. Er is duidelijk veel tijd en moeite in de vormgeving gestoken, en dat loont als je een boek uitgeeft waarin de tabellen (de onderzoeksresultaten dus) van groot belang zijn.

Ik vond het wel een beetje jammer dat er in Moderne romantiek weinig tot geen ruimte is voor niet-heteroseksuele koppels. Alles wordt bekeken vanuit een man-vrouw perspectief, en er is eigenlijk geen ruimte in het boek vrijgemaakt voor relaties van LGTBQ+-mensen (voor degenen die niet weten waar deze afkorting voor staat: klik hier voor de Wikipedia-pagina over dit onderwerp), terwijl die ook juist interessant zouden zijn geweest. Ansari geeft in de inleiding van het boek aan dit zelf ook jammer te vinden, en hij noemt wel een aantal redenen op waarom het boek zo man-vrouw is, maar toch… blijft jammer. Al met al moet ik echter zeggen dat afgezien van dat verbeterpunt Moderne romantiek een leerzaam, leuk boek is. Als je geïnteresseerd bent in een beetje wetenschap, als je romantiek leuk vindt en meer wilt weten over hoe internet de romantiek heeft veranderd, of als je gewoon houdt van de humor van Aziz Ansari is Moderne romantiek zeker een aanrader!

‘Opgeruimd!’ – Marie Kondo

Cover van het boek Opgeruimd! door Marie KondoDe kans is erg klein dat je nog nooit van Marie Kondo hebt gehoord. Toen dit boek, Opgeruimd!, vorig jaar verscheen ontstond er een heuse opruim-hype. Mensen die behoefte hadden aan een boek vol opruimtips konden hun hart ophalen: Kondo geeft een methode die erg specifiek is. Zo hebben je sokken behoefte aan rust na een dag hard werken, voelt je kleding zich verwaarloosd als het onaangeraakt achter in je kast ligt en vindt je huis het fijn om elke dag begroet te worden met een vrolijk “Hallo!”. Kondo zet haar methode duidelijk uiteen in Opgeruimd! en ik wilde wel eens kijken waar die hele hype nou uit was ontstaan.

Titel: Opgeruimd!
Auteur: Marie Kondo
ISBN: 9789400505629

Marie Kondo is een Japanse opruimconsulente die er haar werk van heeft gemaakt om orde te scheppen in huizen waar de chaos heerst. Na jarenlange ervaring heeft ze uiteindelijk de zogenaamde ‘KonMarie’-methode ontwikkeld. Die is in essentie heel simpel: je gooit eerst alle overbodige spullen die je hebt weg, en daarna geef je alles wat je nog over hebt een vaste plek in je huis. Deze methode is vooral baanbrekend omdat vele opruimgoeroes aanraden om je huis kamer voor kamer op te ruimen, of in ieder geval stukje bij beetje, terwijl Marie Kondo stelt dat je maar één keer hoeft op te ruimen en daarna nooit meer. Je hele leven opruim-vrij? Het klinkt bijna te mooi om waar te zijn…

Kondo kwam met haar methode toen ze ontdekte dat door haar huis heen ze dezelfde soort spullen op verschillende plekken opborg, en dus eigenlijk geen duidelijk beeld had van wat er allemaal in huis was. Ik kon me heel erg identificeren met het voorbeeld dat ze gaf: lippenbalsem op je nachtkastje, in je handtas, bij je make-up en op nog veel meer plekken. Kondo zegt dat dit compleet onnodig is en alleen maar chaos in hand werkt: zij raadt je aan om alle dingen met hun ‘soortgenoten’ op te bergen, zodat je precies weet waar je aan toe bent.

Beslissen wat je wilt houden op basis van de vraag of je er blij van wordt is de belangrijkste stap bij het opruimen.

(pagina 51)

Maar dat opbergen is eigenlijk pas de tweede stap: eerst moet je beslissen welke spullen je wilt houden en welke niet. Al je spullen moeten je vreugde brengen als je wilt dat je huis een vreugdevolle plek is. Oftewel: je moet al je bezittingen even in je handen houden en je serieus afvragen “Brengt dit shirt / deze onderbroek / collegebundel wetteksten privaatrecht 2014-2015 / lippenbalsem me vreugde?”. Als het je geen vreugde (meer) brengt moet het weg. Dat klinkt nogal streng, en dat is het ook. Ook Kondo geeft het toe: het is best een klusje om op deze manier je huis door te gaan. Maar Kondo geeft geen haarbreed toe: “Een klein beetje opruimen betekent een leven lang opruimen” (pagina 24). Om het proces iets gestroomlijnder te maken moet je daarom een vaste volgorde aanhouden:

  1. Kleding (vooral omdat je daar het minste een emotionele band mee voelt en het dus wat makkelijker is om er veel van weg te gooien).
  2. Boeken (je kunt maar beter geen grote TBR-stapel hebben want Marie Kondo is erg streng: als een boek al een tijdje in je kast staat en je hebt het nóg niet gelezen, dan zul je het ook niet lezen dus moet het weg!)
  3. Paperassen (hier vallen alle papieren die je in huis hebt onder, van loonstrookjes van zes jaar geleden tot het afhaalmenu van het Chinese restaurant om de hoek)
  4. Komono / allerlei (onder deze categorie vallen al je andere bezittingen: electronica, make-up, CD’s, paspoort en de spaghetti in je voorraadkast).
  5. Spullen met emotionele waarde (foto’s, dagboeken, oude liefdesbrieven enzovoorts)

Het enige wat je hoeft te doen, is je aan de juiste volgorde houden.

(pagina 74)

Het doorlopen van het hele “Word ik hier blij van?”-proces in alle categorieën gaat je waarschijnlijk heel veel tijd kosten, maar Marie Kondo belooft je dat dat de laatste keer zal zijn dat je echt op moet ruimen. Want als je alleen de spullen hebt bewaard waar je blij van wordt hoef je ze alleen nog maar een mooi, handig plekje in je huis te geven en dan is al het werk klaar! Je bent dan omringd met spullen waar je gelukkig van wordt.

Ik ben eerlijk gezegd een beetje skeptisch. Want hoe gelukkig word ik nou echt van dingen die ik wel móet bewaren, zoals het zaagsel voor mijn hamster, of de Sun alles-in-één-vaatwastabletjes? Ook is Marie Kondo mij iets te zweverig. Ze vergelijkt prijskaartjes aan kleding met navelstrengen, vindt dat je je sokken niet mag oprollen omdat ze op die manier niet lekker kunnen rusten, en ze bedankt al haar spullen voordat ze ze weggooit. Tja. Ik zie mezelf dat gewoon niet echt doen. Wel is Opgeruimd! een boek dat je weer even wakker schudt: waarom zou je kleding bewaren waar je niet blij van wordt? En is het niet echt veel handiger om alle spullen die met elkaar te maken hebben op één plek te verzamelen? Mijn advies is daarom: neem Marie Kondo niet al te letterlijk, maar haar opruimmethode is an sich handig en logisch.

‘De smaak van venijn’ – Alan Bradley

Cover van het boek De smaak van venijn door Alan BradleyEen aantal maanden geleden liep ik door een boekhandel en zag dit boek liggen. Ik heb het toen bijna gekocht, maar gelukkig kon ik nog op tijd bedenken dat ik ongeveer een miljoen ongelezen boeken in mijn boekenkast heb staan en dat het niet verstandig zou zijn om die stapel alleen maar groter te maken. Vorige week zag ik het echter liggen bij de bieb toen ik daar een rondje liep. En toen moest ik het natuurlijk wel meenemen.

Titel: De smaak van venijn (origineel: The Sweetness at the Bottom of the Pie)
Auteur: Alan Bradley
ISBN: 9789021803227
In 2010 verscheen de vertaling bij uitgeverij Luitingh Sijthoff.

De smaak van venijn gaat over Flavia de Luce, een elfjarig hoogbegaafd meisje. Ze woont met haar twee zussen en vader op het landgoed Buckshaw in Engeland; haar moeder overleed toen ze nog heel erg klein was. Flavia is erg slim en gek op alles wat met scheikunde te maken heeft. Thuis heeft ze zelfs een eigen laboratorium waar ze scheikundige proefjes en onderzoeken doet (tja, je woont in een groot landhuis, dan moet je iets met al die ruimte). Haar twee zussen Ophelia en Daphne vinden haar maar raar, en dat komt deels omdat Flavia hen ziet als de ideale proefpersonen voor haar scheikunde uitvindingen en ontdekkingen. Ze stopt giftige dingen in hun lippenstift, bijvoorbeeld, om te kijken welk effect dat heeft op hun lippen (spoiler: lippen houden niet van giftige stoffen in lippenstift). Met haar vader heeft ze ook niet een bijzonder hechte band: hij is vooral druk met zijn grote postzegelverzameling.

Tot zover lijkt het allemaal helemaal prima. Maar een boek is geen boek als er niet iets in gebeurt, dus natuurlijk is dat ook zo in De smaak van venijn. Het verhaal begint pas écht als Flavia in de tuin loopt en een man ziet liggen tussen de komkommerplantjes. Ze loopt naar hem toe, en op het moment dat ze bij hem staat blaast hij zijn laatste levensadem uit. Flavia doet direct wat elke verstandige elfjarige zou doen: de politie bellen. Maar ze zou Flavia niet zijn als ze de politie met rust zou laten en het hele voorval zou proberen te vergeten: Flavia gaat zelf ook op onderzoek uit! Want afgezien van de dode meneer gebeuren er opeens vreemde dingen in de buurt. Er wordt bijvoorbeeld een dode snip (dat is een soort vogel) voor de deur gelegd, met een postzegel door z’n snavel geprikt. En er komen boze stemmen uit de kamer van haar vader: het lijkt wel alsof vreemdelingen ruzie met haar vader hebben! Flavia begint verbanden te zien en gaat met alle stukjes informatie die ze heeft aan de slag om het mysterie van de dode man tussen de komkommerplantjes te ontrafelen.

Ik denk dat De smaak van venijn niet echt bedoeld was voor de doelgroep waar ik in zit (20-jarige studenten). Toch heb ik het boek met heel veel plezier gelezen, en wel om de volgende redenen:

  • Flavia is een leuk personage om te volgen. Ze is slim, vooral scheikundig, maar ook nog maar elf jaar oud en ze maakt fouten die elke elfjarige zou maken, hoe slim ze ook zijn. En hoewel ze vooral bezig is met het mysterie vindt ze ook fijn om in de buitenlucht rondjes te fietsen en met andere mensen te praten. Flavia heeft een leuke blik op de wereld en door haar ogen zie je steeds meer van het dorp en alle inwoners.
  • Je wordt als lezer nieuwsgierig naar de ontknoping van het mysterie, maar het is geen bloedstollend spannend verhaal. Het kabbelt wel zo’n beetje voort, en je ontdekt steeds ietsje meer, en ondertussen volg je Flavia op haar speurtocht door het dorpje heen. Het voelt bijna alsof je zelf onzichtbaar in het verhaal zit; Bradley heeft een erg toegankelijke schrijfstijl.
  • Het hele verhaal doet een beetje ouderwets aan. De postzegelverzamelaars (filatelisten) spelen een grote rol, en überhaupt namen als Flavia, Ophelia en Daphne schetsen al een sfeer in het boek die me wel aanspreekt.

Het boek is denk ik vooral leuk voor iets jongere lezers (die waarderen het misschien nog meer op bijvoorbeeld het gebied van spanning, en kunnen zich beter identificeren met Flavia) maar ook voor al iets oudere lezers is De smaak van venijn zeker aan te raden. Het is geen dun boek, toch bijna 400 pagina’s, maar omdat het niet een erg serieus of ‘zwaar’ boek is ben je zo door die pagina’s heen. Het is ideaal als een tussendoorboek, als je bijvoorbeeld net een emotioneel of moeilijk boek hebt gelezen en wel toe bent aan een beetje rust. Flavia neemt je mee op een tour door een ouderwets Engels plaatsje op zoek naar filatelisten en moordenaars, dus sit back and relax!

Ode aan de bibliotheek

Na een aantal gesprekken met mede-boekbloggers besefte ik me weer hoe blij ik ben met mijn Bibliotheekpasje. Al mijn hele leven ben ik lid van de bieb, en ik zou denk ik niet meer zonder kunnen. Het werd dus hoog tijd om op Ilona Leest een ode te geven aan dit prachtige instituut.

Logo van de bibliotheek

Bij deze de voordelen van het hebben van een Bibliotheekpas kort op een rijtje:

  • Je kunt onbeperkt, zoveel boeken lenen en lezen als je maar wilt. Het is waar dat de meeste Bibliotheken wel een maximum instellen (volgens mij mag ik maximaal 10 boeken thuis hebben van de bieb), maar het maakt niet uit hoe vaak je komt. Als ik elke dag 10 boeken wil lenen, dan kan dat gewoon!
  • Je kunt boeken reserveren. Dat is een service waar ik veelvuldig gebruik van maak: op de website van de bieb zoek ik een boek op dat ik graag wil lezen. Als ik het dan reserveer, zetten de medewerkers van de bieb het boek voor me klaar zodra het boek beschikbaar is, en ik krijg dan een vriendelijke e-mail met het bericht dat ik het boek kan komen halen. Ontzettend handig als je echt een specifiek boek wilt lezen.
  • De Bibliotheek is net een gigantische boekwinkel waar je zonder te betalen kunt weglopen. De bieb is de laatste jaren beter geworden in boeken uitstallen. Eerst stonden ze vaak nog alleen in grote kasten, maar nu zetten ze de boeken op zo’n aantrekkelijke manier neer dat het wel een luxe boekwinkel lijkt, maar dan zonder het dure prijskaartje!
  • Vier boeken die van de Bibliotheek geleend zijn(Foto: Na een rondje lopen in de bieb kom ik vaak met veel mooie boeken thuis, die ik eerst niet van plan was mee te nemen).

 

 

  • Bij de bieb werken mensen met vakkennis. Als je over een bepaald onderwerp meer wilt weten laten zij je weten welke boeken je daarmee kunnen helpen. En online heeft de bieb een tool ontwikkeld waar je kunt schuiven met balkjes om zo boeken te ontdekken op basis van kenmerken (http://www.bibliotheek.nl/welkboek/zoeken-op-kenmerken.html).
  • Screenshot van de website van de bibliotheek met de 'Kenmerken-tool'
  • De Bibliotheek zet zich in voor alfabetisering, organiseert regelmatig leuke lezingen en workshops en doet er veel aan om mensen met elkaar in contact te brengen binnen de samenleving. Ook is de bibliotheek meestal uitgerust met rustige werkplekken (vaak zelfs met computers en internet), waar je als student kunt studeren of als niet-student rustig kunt lezen en even wegkunt uit de drukte van thuis. Oftewel: de bibliotheek is niet alleen een leuk, maar ook een belangrijk insituut.
  • De Bibliotheek is heel betaalbaar. Een heel jaar lid ben je al voor €50,- en vaak als tiener of student voor nog veel minder. Voor dat geld kun je een heel jaar lang alle boeken lezen die je wilt, en gebruik maken van alle extra services!

Ik wil deze blogpost niet al te lang maken, dus hoewel er nog veel meer voordelen zijn (CD’s & DVD’s lenen, kranten lezen, tijdschriften lenen) stopt mijn ode aan de Bibliotheek hier. Leuk om te melden vind ik nog wel dat de Bibliotheek heel actief is op social media (bijvoorbeeld op Twitter via @Bibliotheek).

Ben jij al lid van de Bibliotheek? En ben je net zo blij met je pasje als ik?

‘Mrs Dalloway’ – Virginia Woolf

Cover van het boek Mrs Dalloway door Virginia WoolfKen je dat, dat je een boek leest en dat je na tweehonderd pagina’s of meer eigenlijk nog steeds geen idee hebt waar het verhaal over gaat? Nou, dat had ik dus Mrs Dalloway. Absoluut onbegrijpelijk allemaal, maar wel in mooie zinnen beschreven.

Titel: Mrs Dalloway
Auteur: Virginia Woolf
ISBN: 9789023427537

Mrs Dalloway gaat over, je raadt het vast al: mevrouw Dalloway. Het boek is in 1925 gepubliceerd en speelt zich ook in die tijd af. Ze woont in Londen met haar man en geeft op een dag een feest waar ze nog veel voor moet regelen. Ondertussen komt er een oude vlam van mevrouw Dalloway terug uit Indië en door hun weerzien komen er weer allerlei herinneringen bovendrijven. Ook gaat het verhaal over een ander koppel: Rezia en Septimus Smith. Septimus verliest langzaam zijn grip op den wereld en denkt overal voorspellingen in te zien. Het hele boek van ongeveer 240 pagina’s gaat eigenlijk maar over één dag. Best een lange dag, dus.

Woolf staat bekend om haar poëtische manier van schrijven en de lange beschrijvingen die ze van alles geeft. En toegegeven, Woolf gebruikt in Mrs Dalloway prachtige taal. Maar dat werkt niet echt mee aan het begrip: ik was al snel de draad kwijt en kon maar niet onthouden wie precies wie was. Dat kwam mede omdat het perspectief heel plotseling tussen de personages wisselde. Dat stoorde me enorm tijdens het lezen: dan weer volgden we het perspectief van een oude vrouw op een bankje in het park, het volgende moment volgden we de vreemde gedachten van Septimus.

Ik wilde Mrs Dalloway graag lezen naar aanleiding van het zien van de film The Hours, wat een verfilming is van het gelijknamige boek van Michael Cunningham. Die film wisselt onder andere tussen het leven van Virginia Woolf en een ‘moderne’ Mrs Dalloway.


Overigens vond ik deze uitgave van Mrs Dalloway prachtig vormgegeven. Wat een mooie cover! Ik kon alleen nergens vinden of de versie die ik heb geleend bij de bieb nog wel ergens verkrijgbaar is. Maar mocht je naar aanleiding van dit stukje nieuwsgierig zijn naar Mrs Dallowayzou ik je zeker aanraden om op zoek te gaan naar deze mooie, groene uitgave.

‘Het Rosie effect’ – Graeme Simsion

Cover van het boek Het Rosie Effect door Graeme SimsionHet Rosie effect is de opvolger van Het Rosie project, waarover ik eerder al deze recensie schreef. Ik was fan van hoofdpersoon Don Tilmann en zijn bijzondere blik op de wereld en had daarom zin om dit tweede boek van Simsions hand te lezen.

Titel: Het Rosie effect
Auteur: Graeme Simsion
ISBN: 9789021017433
Verschenen bij uitgeverij Luitingh-Sijthoff.

Het Rosie effect gaat verder waar Het Rosie project ophield. Mocht je dus het eerste deel nog niet hebben gelezen, dan kan deze recensie spoilers bevatten over de afloop van het eerste boek!

In Het Rosie effect wonen Don en Rosie samen in New York, waar hij universitair docent genetica is en zij haar doctoraat psychologie afrond terwijl ze ook bezig is met haar studie geneeskunde. Ze zijn getrouwd en lijken hun leven eigenlijk best goed op orde te hebben. Maar dan doet er zich een onverwachte situatie voor: Rosie is zwanger! Ze slikte altijd de pil maar wilde graag zwanger worden en heeft daarom al een tijd de pil niet meer geslikt. We weten allemaal dat Don moeite heeft met nieuwe situaties en hij plant zijn dag het liefst van minuut tot minuut, dus het is voor hem heel moeilijk te verwerken dat hun leven op zo’n drastische manier zal veranderen. Don had verwacht dat ze als getrouwd stel zulke grote beslissingen samen zouden maken zodat ze er zich samen op voor zouden kunnen bereiden. Eenmaal een beetje bijgekomen van de schrik praten Rosie en Don wat meer over de nieuwe situatie, en zij vraagt hem of hij blij is met de zwangerschap. 

Het Rosie effect gaat daarna verder over de problemen die tussen Rosie en Don ontstaan. Zij denkt dat hij geen liefdevolle, zorgzame vader zou kunnen zijn voor het kind en hij begint een project om alles te leren wat er te leren over het vaderschap. Dit doet hij op zijn eigen, unieke manier en hij loopt dus weer tegen allerlei problemen aan. De situatie wordt ook niet makkelijker door het verschijnen van Gene, Dons beste vriend die we al kennen uit Het Rosie project. Rosie mag hem helemaal niet graag en Gene heeft een slaapplaats aangeboden gekregen van Don in hun appartement…

Het verhaal draait eigenlijk alleen maar om Don, Rosie en hun baby. En dat is best weinig plot voor ruim driehonderd, bijna vierhonderd pagina’s. Het boek begon voor mij al direct op een ‘verkeerde’ manier: dat Rosie stopte met de pil slikken, zwanger word, en het Don verwijt dat hij niet gelijk staat te springen van blijdschap. Ze kent hem en ze weet dat hij niet zo goed tegen veranderingen kan, en zwangerschap is nogal wat. Alle problemen uit het boek hadden dus voorkomen kunnen worden als Rosie zich gewoon had gedragen zoals van de vrouw van Don verwacht had kunnen worden. Ook jammer is dat het boek een stuk minder grappig is dan het eerste deel.

Natuurlijk zorgt Don wereldvreemdheid wel voor grappige situaties maar het lijkt allemaal heel erg op alles wat in Het Rosie project voorkomt. Dit werd versterkt door Gene, die blijkbaar onmisbaar was voor Simsion maar volgens mij compleet overbodig en zelf storend was voor dit boek. Een jammerlijk vervolg op een leuk begin.

‘Drie vrienden, een huis (en een klusjesman)’ – Astrid Harrewijn

Selfie van Ilona met het boek Drie vrienden, een huis (en een klusjesman) door Astrid HarrewijnVandaag verschenen bij uitgeverij Boekerij: Drie vrienden, een huis (en een klusjesman), door Astrid Harrewijn. Lees hier meer over dit nieuwe boek!

Titel: Drie vrienden, een huis (en een klusjesman)
Auteur: Astrid Harrewijn
ISBN: 9789022576175
Uitgeverij Boekerij

Astrid Harrewijn is al een gevestigde naam in chicklit-land, maar met de overstap naar een andere uitgeverij gooit ze ook haar boeken over een iets andere boeg. Drie vrienden, een huis (en een klusjesman) is daarvan het resultaat en ik kreeg een leesexemplaar toegestuurd om mijn mening met jullie te kunnen delen.

Ik lees van alles, zoals jullie weten, en vindt het leuk om verschillende genres af te wisselen. Het is een tijdje geleden dat ik een roman / chicklit heb gelezen, en zeker omdat ik nu ook bezig ben in het saaie De toverberg van Thomas Mann vormde dit boek een welkome afwisseling. In DVEHEEK volgen we het leven van Noor, die alles prima op een rijtje heeft. Leuk huisje met een leuke vriend (met wie ze al achttien jaar samen is), in de woonplaats van haar ouders (Itteren), met een werkplek in een museum erg dichtbij. Alles verandert echter na een aanbod van het Van Gogh museum in Amsterdam waar Noor mag gaan werken. Samen met haar zusje Kiki en studievriend Joost trekt ze in een huis aan de Herengracht dat een grote verbouwing ondergaat. Kiki werkt voor Jeff Koons, een bekende kunstenaar, en Joost werkt voor het Rijksmuseum dus alledrie zitten ze in het ‘museumleven’. Het is leuk om te lezen over wat mensen die bij een museum werken eigenlijk de hele dag doen; ik loop in musea meestal rond zonder me te beseffen dat er mensen dagelijks bezig zijn met de kunst die daar hangt.

Noor heeft het in Amsterdam niet makkelijk door de problemen die ze nu heeft met haar vriend, maar ook op haar werk in het Van Gogh museum begint het te broeien. Noor ontdekt steeds meer dingen die ze eigenlijk niet zou mogen weten, en heeft moeite met het bewaren van alle geheimen. Houdt ze het harde werken en de stress allemaal wel vol, of zal ze na een tijdje met hangende pootjes weer vertrekken naar haar vriend in Maastricht?

Ik zou dit boek niet echt ‘literatuur’ noemen, maar ik heb het wel met veel plezier gelezen. Astrid Harrewijn heeft een leuke manier van schrijven. Met grappige zinnen omschrijft ze heel beeldend de situaties die in het boek voorkomen, bijvoorbeeld:

“Van intimiteit naar afstandelijkheid. Het sluipt erin, heel langzaam. Tot het moment waarop je opeens beseft dat ‘Ewald en Noor’ geen vanzelfsprekende eenheid meer is. Niet meer zo lekker bij elkaar past als patat met mayonaise, niet meer zo onlosmakelijk met elkaar verbonden is als kaas en kaasschaaf, maar net zo vermoeiend klinkt als knooppunt Kleinpolderplein en zeven kilometer file.”

  • Atrid Harrewijn, 2016, Drie vrienden, een huis (en een klusjesman) pagina 116.

Ook leuk is bijvoorbeeld de introductie van “13:10 uur is selfie time” door Noors zusje Kiki. Dit idee uit DVEHEEK werd opeens realiteit: op Twitter verschenen er vandaag om tien over een allemaal selfies van mensen met die boek, onder de hastag #DVEHEEK. Zoveel zelfs dat het een trending topic werd. Vandaar ook dat de foto bij deze post er eentje is met niet enkel het boek, maar een selfie van mij: ik gebruikte deze foto op Twitter (@IlonaLeest) om mee te doen aan ‘selfie time’.

Al met al is DVEHEEK een leuk boek met een hele lange titel. Astrid Harrewijn neemt je even mee het museumleven in en weet een leuk verhaal neer te zetten met sympathieke personages. Perfect om te lezen op een regenachtige dag als je op zoek bent naar leuke afleiding.