Boek 12 – “Het Lied van de Grotten”

Jammer, jammer, jammer. Na een geweldig eerste deel in deze serie (De Aardkinderen, door Jean M. Auel) heeft ze het langzaam laten afweten en verliest ze in het laatste deel compleet het zicht op wat ze in hemelsnaam aan het schrijven is. De teleurstelling en het langdradige, saaie geneuzel over grotten zorgen ervoor dat ik dit boek, Het Lied van de Grotten niet meer dan één ster heb willen geven op Goodreads.

De Aardkinderen begon het eerste deel, De Stam van de Holenbeer, met een ijzersterk verhaal. De hoofdpersoon Ayla is een vrouw die in de laatste ijstijd leefde, de tijd waarin de eerste mensen zoals wij leefden. Ook waren er toen nog Neanderthalers. Na het kwijtraken van haar hele familie op 5-jarige leeftijd wordt Ayla opgenomen door zo’n groep Neanderthalers. In de volgende delen lezen we hoe Ayla vertrekt en op zoek gaat naar haar eigen “soort”, en als ze de knappe man Jondalar tegenkomt volgt ze hem naar zijn familie. De geestelijke leiders vinden dat zij talent heeft om ook opgeleid te worden tot Zelandoni (zo werden de spirituele leiders genoemd). Dit deel volgt Ayla in haar opleiding.

Het gaat al fout bij het uitentreure beschrijven van de dingen die Ayla leert. Fijn om te weten dat vroeger tellen en kleuren begrijpen moeilijk was, maar in principe was voor de mensen van nu een korte opmerking daarover genoeg. Auel daarentegen vult pagina na pagina met uitleg over hoe iemand tot twintig kan tellen en over de speciale krachten van de kleur rood. Saaaaaai.

 Ook beslaat de helft van dit ontzettend dikke boek (ongeveer 570 pagina’s) uit Ayla die met een groepje grotten gaat bekijken met wandschilderingen. Ze praten er over, ze speculeren over waarom mensen die tekeningen gemaakt hebben en doen vanalles om De Moeder te eren. Saaaaai.

Maar misschien had ik nog door de saaie gedeeltes heen kunnen kijken als ik niet zo ontzettend veel dingen miste die er voor in de plaats hadden kunnen staan. Bijvoorbeeld, de door Ayla zelf voorspelde strijd tussen de moderne mens en de Neanderthalers. Zij heeft een droom in boek 3 of 4 dat het uiteindelijk tot een strijd tot de twee moet komen maar daar wordt verder niks meer mee gedaan. Sterker nog, de Platkoppen (zoals mensen de Neanderthalers noemen) worden in dit deel amper genoemd! Terwijl er in de eerdere delen duidelijk werd gehint dat er veel problemen tussen de twee groepen waren en juist omgekeerd dat er ook mogelijkheden waren tot handel tussen de twee. Maar nee, Auel vond het belangrijker om na grot 890 ook nog grot 891 uitgebreid te beschrijven.

Wat ook vervelend was: het  gedrag van de personen was niet in lijn met het gedrag van diezelfde personen in de eerdere boeken. Het ergste waren nog Ayla en Jondalar, die in dit deel precies -echt PRECIES- dezelfde ruzie maken als in boek 4 en nu weer bijna uit elkaar gaan. En sorry hoor, maar in zo’n polygamistische samenleving zoals Auel beschrijft hoort het ze echt niet uit te maken als Jondalar een keer wordt gepijpt door een andere vrouw: zo zat de samenleving volgens Auel zelf in elkaar. Maar als Jondalar het doet, net als alle andere mannen, maakt Ayla daar opeens een probleem van. Wat een onzin zeg. Vreemdgaan is in onze cultuur wel een dingetje, en ook zeker geschikt in literatuur, maar het is heel inconsequent om eerst te stellen dat het vroeger normaal was om meerdere bedpartners te hebben en daarna je hoofdpersonen bijna uit elkaar laten gaan daardoor.

Ook miste ik Ayla’s eerste zoon, Durc, heel erg in dit boek. In deel 1 wordt zij zwanger van een Neanderthalers en baart een zoon, die ze met spijt en pijn in haar hart achter moet laten als ze vertrekt op zoek naar haar eigen soort. In alle volgende boeken vraagt ze zichaf hoe het met hem is, en hoopt ze hem ooit nog te kunnen zien. Maar we zien of horen helemaal niks meer van hem. Hij wordt op geen enkele manier meer in het verhaal gebracht. Het was Auel zelfs te veel moeite om gewoon duidelijk te maken dat hij dood is of juist nog leeft: helemaal nada horen we van hem. En dat was prima geweest, als Ayla niet steeds zo obsessief aan hem dacht de hele serie lang. Nu wilde ik als lezer weten wat er van hem geworden was ook.

Normaal gesproken houd ik heel erg veel van het lezen van series. Maar ik moet ook bekennen dat de teleurstelling dubbel zo groot is als de serie goed begint en dan steeds iets verder afglijdt. Een gewoon boek leg je dan opzij met een “Ach, wat een stom boek, en wat zonde van mijn tijd”. In een serie echter raak je echte steeds benieuwd naar het volgende deel en investeer je voor je gevoel zoveel tijd, dat het echt een teleurstelling is als een laatste deel dan zo verpest wordt. Dezelfde vrouw die mensen uit de ijstijd op de kaart heeft gezet heeft ze er ook weer afgeveegd want als dit de conclusie is van deze serie (ze zei eerst altijd dat ze zeven boeken wilde schrijven over Ayla, maar dit zesde deel werd toch het laatste, werd later bekend gemaakt) laat zoveel in de lucht hangen dat ik niet anders kan dan haar laatste boek een 1 geven. Zonde van de mogelijkheden, ze heeft er zoveel laten liggen. Zucht.