Het einde van de eenzaamheid – Benedict Wells

Iets meer dan een week geleden verscheen bij uitgeverij Meulenhoff Het einde van de eenzaamheid, een vertaling van het Duitse Vom Ende der Einsamkeit door Benedict Wells. Hij won met deze roman in 2016 de European Union Prize for Literature voor Duitsland. In Duitsland zijn eerdere boeken van zijn hand ook al een groot succes gebleken, maar Het einde van de eenzaamheid is het eerste boek dat in het Nederlands verschenen is.

Het verhaal van Het einde van de eenzaamheid gaat over Jules Moreau. Hij belandt door een ongeluk in het ziekenhuis en blikt terug op zijn leven. Al op een jonge leeftijd verloor hij beide ouders waardoor hij, zijn broer Marty en zus Liz naar een internaat moesten. Ze groeiden uit elkaar en leidden elk hun eigen leven. Jules raakt bevriend met Alva, een interessant meisje die hij niet helemaal kan doorgronden. Na de middelbare school verliezen zij elkaar uit het oog en Jules probeert om zijn leven zo goed mogelijk op de rails te krijgen. Het contact tussen Marty, Liz en hem komt gaandeweg weer een beetje op gang. Jaren later komt Jules opnieuw in contact met Alva. Wat heeft ze altijd verzwegen? En kunnen ze ondanks hun moeizame start in het leven toch bouwen aan een gezamenlijke toekomst?

De belangrijkste thema’s in dit boek zijn verlies, verwerken van verdriet en (de titel verraadt het al) eenzaamheid. Ik vond Het einde van de eenzaamheid een prachtig boek: ik heb het in een paar dagen tijd gelezen, terwijl het helemaal geen lichte kost is. Liefde in alle opzichten speelt een grote rol: niet alleen romantische liefde, maar ook de band tussen ouders en kinderen, tussen broers en zussen, en tussen vrienden. Maar ook belangrijk is de verhouding tussen een moeilijke jeugd en het volwassen leven. Hoop is een belangrijk element: als je terugkijkt op je leven zijn er naast alle moeilijkheden ook mooie elementen geweest. Hoe moeilijk de omstandigheden ook zijn waar Jules in zijn jeugd en volwassen leven mee te maken krijgt, op een bepaalde manier is er toch hoop aanwezig. Toen ik Het einde van de eenzaamheid net uit had gelezen heb ik een tijdje voor me uit zitten staren om even bij te komen. Voor iedereen die houdt van een boek dat je bezig houdt zelfs als je het al uit hebt is Het einde van de eenzaamheid zeker een aanrader.

Ik heb Benedict Wells naar aanleiding van het verschijnen van de Nederlandse vertaling van zijn boek mogen interviewen. Het was een ontzettend gezellig gesprek. De uitwerking van dat interview verschijnt binnenkort op Ilona Leest, dus houd de website goed in de gaten!

‘Zolang er leven is’ – Hendrik Groen

Cover van het boek Zolang er leven is door Hendrik GroenHet tweede geheime dagboek van Nederlands favoriete bejaarde man verscheen vorige week bij uitgeverij Meulenhoff. Na Pogingen iets van het leven te maken is van Hendrik Groen nu ook Zolang er leven is verschenen, en het is net zo grappig als zijn eerste boek.

Titel: Zolang er leven is
Auteur: Hendrik Groen
ISBN: 9789029090766
Verschenen bij uitgeverij Meulenhoff.

Twee jaar geleden kwam Pogingen iets van het leven te maken uit, en het leek wel alsof half Nederland opeens fan was van een drieëntachtigjarige man uit Amsterdam-Noord. Hendrik Groen wist met zijn dagboekfragmenten een groot publiek aan te spreken en iedereen was begaan met hem en de andere bewoners van het verzorgingstehuis. Nu is er een tweede ‘geheim’ dagboek verschenen en ik wilde die natuurlijk direct lezen. Zou Hendrik weer net zo veel te vertellen hebben als in zijn eerste boek? En zou het wel weer net zo grappig en ontroerend zijn?

Zolang er leven is is qua opzet eigenlijk identiek aan Pogingen iets van het leven te maken. Het boek bestaat uit dagelijkse dagboekfragmenten van 1 januari tot en met 31 december en gaat over het wel en wee van Hendrik en zijn vrienden. Aan het einde van Pogingen iets van het leven te maken (dat ging over het jaar 2013) overleed Hendriks speciale vriendin Eefje en omdat hij het daar erg moeilijk mee had heeft hij een jaartje niet geschreven. Maar in 2015 had hij de pen weer opgepakt en schreef weer elke dag een stukje.

Omdat Eefje overleden is en Grietje te dement is om nog mee te kunnen op de tripjes van de Oud-maar-niet-dood club (Omanido) hebben twee nieuwe leden hun intrede gedaan: Geert en Leonie. Met deze extra aanwinsten maakt Omanido weer allerlei leuke uitstapjes, met dit jaar ook regelmatig een bezoek aan een restaurant. Maar Omanido heeft ook serieuzere zaken aan het hoofd: er gaan geruchten dat er plannen zijn om “hun” verzorgingstehuis te sluiten. Omanido richt een bewonerscommissie op om de directie aan de tand te kunnen voelen en om te laten zien dat zij zich niet zomaar laten overrompelen door bestuurders met rare plannen.

De uitstapjes die Omanido maakt en de gesprekken met directrice Stelwagen zijn altijd grappig en ik heb opnieuw vaak hardop moeten lachen tijdens het lezen. Er waren echter ook momenten dat het allemaal even iets minder grappig was. Evert, Hendriks beste vriend, is namelijk ernstig ziek en Hendrik ziet hem langzaamaan steeds verder afglijden en kan maar weinig doen om te helpen. Op zulke momenten leef je als lezer mee met Hendrik, die ondanks alles toch probeert om zijn leven zo leuk mogelijk te maken.

Voor wie Pogingen iets van het leven te maken heeft gelezen is Zolang er leven is een absolute must-read. Het is net zo grappig, en hoewel de opzet hetzelfde is voelt het niet als een herhaling of teveel van hetzelfde. We leren nog meer over de leuke (en soms minder leuke, zeurderige) medebewoners van het verzorgingstehuis en na het uitlezen van Zolang er leven is wil ik eigenlijk meteen beginnen in het derde dagboek van Hendrik Groen, wat helaas (nog niet) bestaat. In een van zijn laatste dagboekfragmenten lijkt Hendrik te hinten dat hij een roman gaat schrijven over twee oude mannetjes. Ik hoop maar dat het óf een grapje is en dat er gewoon nog een derde deel met dagboekfragmenten komt, óf dat de roman net zo leuk geschreven is als de twee dagboeken.

Op internet zijn er hele discussies te vinden over wie er achter het personage Hendrik Groen kan zitten. De meeste mensen lijken het erover eens te zijn dat er niet echt een vijfentachtigjarige man op een computer dagboekfragmenten heeft getypt. Wel zou het kunnen dat een schrijver veel heeft gesproken met bejaarden en de boeken heeft samengesteld vanuit die verhalen. De derde, en volgens de meesten de meest waarschijnlijke, optie is dat er een bekende, jongere schrijver is met een hele rijke fantasie die alles gewoon bij elkaar heeft verzonnen. Mijn moeder is er van overtuigd dat Kluun achter Hendrik Groen zit, en ikzelf denk stiekem dat Paulien Cornelisse er iets mee te maken zou kunnen hebben. Die verdenking baseer ik eigenlijk op twee dingen:
1. Paulien Cornelisse heeft een ontzettend grappige schrijfstijl, en haar boeken Taal is zeg maar echt mijn ding en En dan nog iets zijn een paar van de weinige boeken waar ik hardop om heb moeten lachen, zoals ik ook om de boeken van Hendrik Groen moest lachen.
2. Op pagina 336 van Zolang er leven is maakt Hendrik een lijstje met dingen waar hij zich aan ergert. Op nummer 10 staat “Mensen die zeggen dat ze een echt mensenmens zijn”. Ik kan eigenlijk alleen Paulien Cornelisse bedenken die zulke dingen in taal opmerkt en er dan ook nog iets van vindt.

Wie verdenk jij van het zijn van Hendrik Groen, en waarom?

‘De glazen stolp’ (The Bell Jar) – Sylvia Plath

Cover van het boek De glazen stolp door Sylvia PlathVoor mijn verjaardag afgelopen oktober kreeg ik deze mooie versie van De glazen stolp door Sylvia Plath. Deze Amerikaanse schrijfster heeft in de twintigste eeuw veel indruk gemaakt met haar gedichten, maar is ook bekend om haar eerste en enige roman The Bell Jar, waarvan dit een vertaling is.

Titel: De glazen stolp
Auteur: Sylvia Plath
ISBN: 9789023482642
Het verhaal gaat over een intelligente vrouw van ongeveer twintig jaar. Haar naam is Esther Greenwood en ze heeft door goede cijfers te halen een beurs in de wacht kunnen slepen om te studeren aan een goede universiteit. Ook mag ze een maand in New York werken bij een magazine voor dames, met andere meisjes / vrouwen van haar leeftijd. Dit alles vindt plaats in de jaren vijftig in Amerika. Tijdens haar studie en haar tijd in New York heeft Esther het niet gemakkelijk: ze heeft last van (zware) depressies en vindt het moeilijk om te aarden in haar omgeving. Het is, na een afwijzing van een prestigieuze summer school, zelfs zo erg met haar gesteld dat ze probeert om zelfmoord te plegen en een tijd moet doorbrengen in een psychiatrische inrichting.

Sylvia Plath heeft De glazen stolp deels gebaseerd op haar eigen leven en ervaringen. Uit haar dagboeken en van mensen uit haar omgeving weten we dat zij zelf ook leed aan ernstige depressies en toen zij dertig jaar oud was heeft zij zelfmoord gepleegd. Ook mocht zij een maandje stage lopen bij een tijdschrift in New York en werd ze afgewezen voor een schrijfcursus aan een universiteit. Toch is De glazen stolp niet helemaal autobiografisch; meer zoals je ook regelmatig bij films ziet ‘based on true events’. Het viel mij op dat het verhaal helemaal niet erg moeilijk of zwaar geschreven is. Je volgt het leven van Esther Greenwood en ziet dat zij langzaam steeds dieper zinkt, maar het verhaal blijft duidelijk en als lezer die nooit depressief is geweest kun je haar gedachten altijd goed volgen. Ik vond vooral een passage over een vijgenboom erg mooi, die door iemand op Tumblr ook erg mooi verwerkt is met plaatjes:

160203 The fig tree160203 The fig tree 2160203 The fig tree 3160203 The fig tree 4

160203 The fig tree 5

Bron: Zen Pencils, http://zenpencils.tumblr.com/post/60967781313/sylvia-plath-the-fig-tree.

De glazen stolp is een ontzettend mooi boek over een vrouw zoals zovelen, die niet helemaal haar plek op de wereld kan vinden en door tegenslag en depressies liever een einde wil maken aan haar leven.

‘The Martian’ / ‘Mars’ – Andy Weir

Cover van het boek Mars geschreven door Andy WeirEen week of twee geleden ging ik naar de bioscoop met mijn broertje en vriend om The Martian te zien. Gelukkig heb ik een Pathé Unlimited pas dus ik kan zo vaak naar de film als ik maar wil. Ik had via Twitter en andere social media al veel over de film gehoord en keek er echt naar uit. Gelukkig werd aan al mijn verwachtingen voldaan en was de film ontzettend leuk. Zo leuk zelfs dat ik diezelfde avond een reservering plaatste bij de Bibliotheek om het boek ook te kunnen lezen. Want zoals je misschien wel weet: de succesvolle film The Martian is gebaseerd op het boek met dezelfde titel van Andy Weir.

Titel: Mars
Auteur: Andy Weir
ISBN: 9789045207858
Uitgeverij: Karakter Uitgevers B.V.
Voor €12,95 te koop bij Bol.com en in het Engels voor €7,99 bij de Book Depository. *

Ik weet niet of je bekend bent met het verhaal (alhoewel je volgens mij onder een steen moeten hebben geleefd om het te missen, maar goed) dus bij deze de trailer voor de film The Martian:

In het kort komt het verhaal hier op neer: Mark Watney is een astronaut in het team dat naar Mars vertekt als onderdeel van het onderzoekprogramma Ares 3. Het was de bedoeling om een maand lang op Mars te verblijven, maar al na een aantal dagen wordt de missie afgebroken omdat er een ontzettend hevige storm (wind) komt die blijvende schade kan aanbrengen aan de apparatuur. Watney wordt geraakt door een antenne die dwars door zijn pak heenprikt en hij wordt weggeblazen door de wind. Zijn team probeert hem nog een tijdje te zoeken maar door zijn defecte pak krijgt iedereen de melding dat Watney geen bloeddruk of polsslag meer heeft. In de overtuiging dat Watney is overleden op Mars vertrekken de andere astronauten weer naar aarde.

Echter: Watney is helemaal niet overleden! Hij is wel gewond geraakt maar heeft de storm overleefd, en zit nu dus moederziel alleen op Mars zonder apparatuur om met de aarde te communiceren. Gelukkig zijn astronauten best slimme mensen dus hij maakt het tot zijn missie om zo lang mogelijk te overleven zodat hij misschien mee terug kan met het ruimteschip van onderzoeksmissie Ares 4, die volgens planning vier jaar later op Mars zal landen. Hij doet een heleboel wiskundige, natuurkundige en scheikundige dingen om te proberen aardappels te laten groeien op Mars. En dan is er nog het probleem van communicatie met aarde: hoe laat hij aan NASA weten dat hij van plan is mee te gaan met Ares 4?

Wat het boek zo leuk maakt is de manier waarop Watney omgaat met de dagelijkse strubbelingen op Mars. Het boek zit vol met ontzettend droge humor. Ik vond Watney echt een grappig personage. Ook is het leuk dat af en toe het boek wisselt van Watneys perspectief naar NASA’s medewerkers. Hoe er op aarde wordt omgegaan met het redden van Mark Watney vormt een leuk contrast met hoe Watney zelf probeert om in leven te blijven. Om alle humor goed te vatten raad ik je aan om (als je dat kunt) de Engelse versie te lezen. De grappen zijn namelijk echt letterlijk vertaald soms gaat de grap dan verloren. Zoals op deze foto als JPL (mensen op aarde) een gesprek hebben met Watney.

Foto van pagina 203 van het boek Mars geschreven door Andy Weir
Ik denk dat in het origineel hier That’s what she said stond. Alleen wordt dat in Nederland ook gewoon in het Engels gebruikt: er is geen directe vertaling van deze grap. “Dat zei zij ook al” is in Nederland helemaal niets, het roept niets op en ik moest dan ook nadenken voordat ik begreep dat dit als grap bedoeld was. Eigenlijk is het beste wat je in zo’n geval als vertaler kunt doen is een vergelijkbare grap maken, zoals “Dat zei je moeder gisternacht ook”.

Hoewel in dit boek natuurlijk best veel natuurkunde en scheikunde voorkomt omdat het zich nou eenmaal afspeelt op Mars, hoef je echt niet bang te zijn dat het te technisch besproken wordt. Watney gebruikt in zijn logboek wel berekeningen die voor niet-astronauten misschien iets te snel gaan, maar alles wat onduidelijk kan zijn wordt uitgelegd en voorgerekend, dus als lezer hoef je daar helemaal niet over na te denken. Wel had ik het denk ik lastig gevonden om me een voorstelling te maken van bepaalde dingen als ik niet eerst de film had gezien. Meestal vind ik het fijner om eerst het boek te lezen en dan de film te zien, maar ik denk dat in dit specifieke geval het andersom voor mij fijner is geweest. Mars is zo’n abstract iets voor mij, en de apparatuur en voertuigen die voor ruimtevaart worden gebruikt ook, dat ik het fijn vond om door de film een idee te hebben van hoe die dingen eruit zien. Het maakte het lezen leuker als je je kunt voorstelling waar Watney in slaapt en in rondrijdt.

Ik zou je absoluut aanraden om de film te gaan zien (volgens mij draait hij nog in bijna alle grote bioscopen) en daarna het boek te lezen (bij voorkeur in het Engels). Ik heb hardop gelachen tijdens het lezen en vond het ook leuk om eens iets anders te lezen: zo vaak lees ik niet over science-fiction-achtige ruimtedingen. Zeker voor herhaling vatbaar, dus als je nog een tip hebt, ik hoor het graag!

Ilona Leest is overigens ook op Twitter te bereiken via @IlonaLeest !

*Omdat ik bij de Book Depository en Bol.com lid ben van het partnerprogramma krijg ik een minieme vergoeding als mensen boeken bestellen via links die op mijn site staan.

‘To Kill a Mockingbird’ – Harper Lee

Cover boek 'To Kill a Mockingbird' door Harper Lee

‘To Kill a Mockingbird’ stond eigenlijk bij iedereen wel op het boekenlijstje voor Engels op school. Een klassieker waarvan de laatste vijftig jaar miljoenen exemplaren zijn verkocht. Iedereen kent het boek wel, al is het maar van horen zeggen. Ik had het nog nooit gelezen (schande natuurlijk) maar Harper Lee’s tweede boek, Go Set a Watchman, was zoveel in het nieuws dat ik vond dat ik toch maar eens aan ‘To Kill a Mockingbird’ moest beginnen. En eerlijk gezegd heb ik spijt dat ik dit boek niet veel eerder gelezen heb. Ik heb hem in het Engels gelezen; de Nederlandse titel van het boek is ‘Spaar de Spotvogel’.

Titel: To Kill a Mockingbird
Auteur: Harper Lee
ISBN: 9780099549482
€6.71  bij BookDepository*
€7,99 bij Bol.com*

To Kill a Mockingbird werd voor het eerst uitgegeven in 1960, maar het boek speelt zich een ruime twintig jaar eerder af in de tijd van de Great Depression in Amerika. Het waren lastige tijden voor veel mensen en zo ook voor de bewoners van Maycomb, Alabama, de (fictieve) plaats waar To Kill a Mockingbird zich afspeelt. Harper Lee volgt in het verhaal een jong meisje om zo nog duidelijker te kunnen laten zien hoe vreemd volwassenen soms zijn. In het boek komen verschillende thema’s aan de orde, maar vooral belangrijk is het racisme. Racisme is nog steeds aan de orde van de dag (wat je zeker zult weten als je het nieuws over Amerika de laatste paar maanden een beetje gevolgd hebt) maar zeker in de twintigste eeuw was het nog echt extreem: toen was er nog openlijke segregatie en werden blanken en zwarte mensen strikt gescheiden. Het is heel bijzonder dat een boek dat een halve eeuw geschreven werd een probleem aan de kaak stelt waar we met z’n allen nog steeds mee te maken. 

Het verhaal volgt een paar jaar in het leven van Jean Louise “Scout” Finch, dochter van advocaat Atticus en zus van Jem. Scout is zes jaar oud als het boek begint. Door haar ogen zien we hoe vreemd volwassenen in Maycomb zich gedragen. Zo is er bijvoorbeeld een man die nog bijna niemand ooit gezien heeft: “Boo” Radley. Kinderen maken elkaar bang met verhalen over de Radleys en spelen de familie in hun toneelstukjes na. Ook is er een oude vrouw die elk kind dat langskomt de huid volscheldt. En natuurlijk komen er nog veel mensen in voor maar het is nu niet erg interessant om iedereen specifiek te bespreken. Het volstaat om te zeggen dat eigenlijk iedereen die in Maycomb woont een bijzondere toevoeging is aan het boek en zo zijn eigen invloed heeft op Scouts leven. 

Atticus is de geschiedenis in gegaan als de held tegen racisme. In het boek verdedigt hij een zwarte man die wordt beschuldigd van het verkrachten van een blank meisje. In die tijden had een zwarte man tegen een blank persoon nooit een kans in rechtszaken: een jury stemde eigenlijk standaard ‘schuldig’ (en dat is tegelijkertijd het vervelende aan het systeem van juryrechtspraak dat ze tot op de dag van vandaag hanteren in Amerika). Scout en Jem hebben het zwaar op school omdat hun vader een zwarte man verdedigt en alle ouders tegen hun kinderen hebben gezegd dat Atticus daarom een slechte man is. Scout krijgt dus al op jonge leeftijd van dichtbij mee wat rassendiscriminatie is, Gelukkig lijkt Atticus altijd op te komen voor gelijke rechten en hij doet dan ook oprecht zijn best om Tom (zo heet de man) te verdedigen. Maar of het ook goed afloopt?

To Kill a Mockingbird is niet voor niets zo’n bekende klassieker, daar ben ik wel achter gekomen. Soms lijken van die bekende boeken die je gelezen “moet” hebben een beetje indrukwekkend waardoor je gelijk al minder zin hebt om eraan te beginnen. In sommige gevallen is dat terecht (*kuch* Oorlog en Vrede *kuch*) maar in dit geval kon ik me naderhand niet meer voorstellen dat ik eerst niet zo goed durfde te beginnen in dit boek. Ik had er een compleet verkeerd beeld van. Lee schrijft vol humor en de personages zijn hoewel vaak vreemd wel erg sympathiek en leuk om over te lezen. Zoals ik op Goodreads in mijn korte recensie al zei: dit is een boek waarvan je het jammer vindt dat je hem nooit meer voor de eerste keer zult kunnen lezen. Een klassieker die ik je volop kan aanraden dus.

Volg IlonaLeest ook op Twitter via @IlonaLeest !

*Omdat ik bij de Book Depository en Bol.com lid ben van het partnerprogramma krijg ik een minieme vergoeding als mensen boeken bestellen via links die op mijn site staan.

‘Heren van de thee’ – Hella S. Haasse

Foto cover boek 'Heren van de thee' door Hella S Haasse
‘Heren van de thee‘ door Hella S. Haasse stond al een tijdje op mijn verlanglijstje om eens te lezen. Ik ben een groot liefhebber van haar debuut ‘Oeroeg(zoals je misschien weet als je mij al een tijdje volgt, ik schreef over ‘Oeroeg‘ namelijk al eerder deze post) en wilde graag meer werken van haar hand lezen. Gelukkig hadden ze ‘Heren van de thee‘ bij de bibliotheek toen ik boeken ging opzoeken om mee te nemen op vakantie en dus werd dit boek nummer twee om te lezen tijdens mijn weekje weg.
 
Titel: Heren van de thee
Auteur: Hella S. Haasse
ISBN: 9789021441795
Heren van de thee speelt zich net als Oeroeg af in Nederlands-Indië, toen de Nederlanders daar nog als kolonisten waren. Haasse is zelf als kind daar ook opgegroeid dus het is een thema dat zij vaker gebruikt in haar boeken, omdat ze veel van haar eigen herinneringen en ervaringen in het verhaal kan verwerken. Haasse gaat eigenlijk nooit in op het morele vraagstuk van de overheersing van de Nederlanders: ze is meer een observant en benoemt de situatie en de gedachten en gevoelens die de hoofdpersonages hebben ten opzichte van politieke veranderingen. Als lezer krijg je genoeg stof aangereikt om zelf je mening te kunnen vormen, maar Haasse stuurt je geen bepaalde kant op.

In Heren van de thee volgen we Rudolf Kerkhoven, vanaf de jaren zeventig van de negentiende eeuw. Na het afronden van zijn studie, die hij erg serieus nam, volgt hij zijn hart en vertrekt naar Nederlands-Indië. Hij wil daar in de voetstappen treden van familieleden die hem al voorgingen en vooral ook zijn vader helpen op diens plantage. Rudolf heeft een serieuze persoonlijkheid en trekt zich bijna alles persoonlijk aan. Dat zijn vader hem niet direct aanstelt op een hoge positie op de plantage steekt Rudolf. Toch blijft hij jarenlang leren en ploeteren om uiteindelijk zijn eigen stuk grond te pachten: Gamboeng. Het is nog onontgonnen land en Rudolf moet dus helemaal vanaf het begin beginnen. Na een paar jaar op Gamboeng te hebben gewerkt ontmoet hij Jenny Bisschop. Zij is een mooi, lief meisje en Rudolf wordt verliefd op haar. Na een langzame start gaat Jenny ook Rudolf waarderen en zij trouwen.

Het boek is onderverdeeld in verschillende tijdsvakken. In het eerste gedeelte volgen we Rudolf op zijn pad van student naar leerling op Java en daarna naar het aarzelende begin van Gamboeng. Na het trouwen volgen we ook de gedachten en gevoelens van Jenny. Het verhaal was eerst strak en duidelijk en wordt naarmate het boek vordert steeds iets vaker afgewisseld, steeds iets minder gestroomlijnd. Het is een subtiele manier van Haasse om ons als lezer duidelijk te maken dat het leven van Rudolf nu hij een vrouw (en later ook kinderen) heeft er anders uit is gaan zien. 

Naast het gezin van Rudolf focust het boek ook de families van Rudolf en Jenny in het algemeen. Haasse heeft dit boek deels gebaseerd op bestaande familiearchieven van de familie Kerkhoven en het boek is dus niet 100% fictie. Wel heeft Haasse er een roman van gemaakt: het is geen precieze biografie van de familie Kerkhoven maar meer een verhaal dat deels op waarheid berust. Wat dit boek zo mooi maakt zijn de beschrijvingen van het land en de gewoontes en gebruiken. Haasse schrijft zo beeldend dat je je bijna echt in dat warme, vochtige land waant en je de thee en koffie die geplukt wordt bijna kunt ruiken. Ook gebruikt Haasse in zinnen Soendase woorden die worden uitgelegd in een woordenlijstje achterin het boek. Het gebruik van die woorden geeft het boek nog meer een authentiek karakter. Heren van de thee is een meesterwerk van een meesterschrijfster.

*Omdat ik bij Bol.com lid ben van het partnerprogramma krijg ik een minieme vergoeding als mensen boeken bestellen via links die op mijn site staan. 

Boek 15 – “Oeroeg”

Een prachtig boek geschreven door Hella S. Haasse werd het 15de boek dat ik las voor mijn uitdaging. Een dun boek dat toch heel diep gaat in het kleine aantal pagina’s dat het heeft. Het eerste boek dat ik heb gelezen van Hella S. Haasse, maar ik ben nu al fan. Oeroeg krijgt vijf van de vijf sterren op Goodreads!

Het verhaal is simpel in opzet. Een jongen woont met zijn Nederlandse ouders op een theeplantage in Nederlands-Indië. Daar groeit hij op met de inlandse Oeroeg. Ze zijn hele goede vrienden en spelen steeds samen. Maar naarmate ze ouder worden wordt het verschil in rang en stand toch steeds duidelijker en het maakt hun vriendschap meer gespannen. Uiteindelijk proberen de mensen uit Nederlands-Indië om van de overheersing van de Nederlanders af te komen en dit maakt dat contact met Oeroeg niet meer mogelijk is. Als je meer wilt weten over de geschiedenis van dit land, lees dat dan hier.

Het is heel mooi om te lezen hoe Haasse de persoonlijke ontwikkeling en vriendschap van deze twee jongens linkt aan de grotere maatschappelijke gebeurtenissen. Tijdens de puberteit van de jongens komt Oeroeg er achter dat hij op de prestigieuze “blanke” school waar hij op zit niet wordt geaccepteerd. Eigenlijk is het dat niet eens per se: hij wordt wel geaccepteerd maar op een manier die duidelijk maakt dat de anderen hem gewoon niet zien als een mens die gelijkwaardig is aan hen. En het mooie aan het verhaal is dat de hoofdpersoon dit verhaal in ik-perspectief vertelt. We komen nooit achter de echte gedachtes van Oeroeg, weten nooit precies wat er in hem omgaat, maar we zien wel zijn verandering en de invloed die sommige gebeurtenissen op hem hebben.

Alle persoonlijke ontwikkelingen die Oeroeg heeft doorgemaakt door de jaren heen komen tot uiting als hij zich aansluit bij het regime dat tegen de Nederlandse overheersing is. Oeroeg wil af van de Nederlanders, maar de ik-persoon is ook Nederlands. Dat zorgt voor de definitieve breuk in hun vriendschap en ze groeien compleet uit elkaar. Haasse weet dit moeilijke onderwerp precies goed te beschrijven en raakt alle juiste noten.

Ik kan er verder eigenlijk niets zinnigs over zeggen. Het is gewoon uitzonderlijk knap hoe Haasse met de Nederlandse taal omgaat. Alles wordt beschreven, maar alleen als deze details iets toevoegen aan het verhaal. Alles draait in dit boek om Oeroeg maar hij is niet de ik-persoon. Het is een verhaal dat wordt verteld met persoonlijke details van het leven van de ik-persoon maar toch compleet gericht is op Oeroeg. En dat voegt iets toe aan de mysterieuze persoon die Oeroeg moet zijn: hij is onpeilbaar.

In 2009 was Oeroeg boekenweekgeschenk en kreeg je hem gratis van de bibliotheek. Dus wie weet heb je hem nog ergens thuis liggen, maar als dat niet zo is: koop het e-book of het fysieke boek. Het is echt een prachtig boek.